Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Artikel 2

Onderdeel van Verordening baatbelasting verharde landwegen, nr. 24

1. De belasting wordt geheven van degene, die van het onroerend goed als bedoeld in artikel 1 het genot heeft krachtens zakelijk recht. 2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt als genothebbende krachtens zakelijk recht aangemerkt hij die bij het begin van het belastingjaar als zodanig bij het kadaster bekend staat, tenzij blijkt dat op dat tijdstip een ander de genothebbende krachtens zakelijk recht was. 3. Indien met betrekking tot het onroerend goed meer dan één genothebbende krachtens zakelijk recht kan worden aangewezen, wordt de aanslag gesteld ten name van één van hen met de toevoeging van de afkorting ‘c.s.’.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel