Controle in de uitvoering is een middel om te signaleren of er sprake is van misbruik of oneigenlijk gebruik. Controle richt zich in dit kader op het toetsen vooraf van de juistheid en volledigheid van gegevens die door derden worden verstrekt.
Controle vooraf van gegevens wordt uitgevoerd tot aan het moment van betaling of beschikkingverlening.
Controle vooraf heeft derhalve een belangrijke ‘poortwachtersfunctie’; mogelijke M&O gevallen kunnen zo al in een vroegtijdig stadium worden waargenomen zodat wordt voorkomen dat ten onrechte bedragen worden uitgekeerd of ontvangen.
De medewerker gaat na of door de inwoners, bedrijven of organisaties/instellingen aan de voorwaarden voor bijvoorbeeld een uitkering, subsidie of vergunning wordt voldaan. De aangeleverde gegevens worden waar mogelijk geverifieerd. Uitgangspunt is dat voordat wordt uitbetaald, een andere medewerker controleert of deze werkzaamheden volledig en juist zijn uitgevoerd (vier-ogen-principe), en dat deze controle ook zichtbaar wordt vastgelegd in de zaak..
Controles kunnen variëren van integraal (totale controle), steekproefsgewijs tot incidenteel. Hierbij is de aard van de doelgroep en hoe misbruikgevoelig een regeling is van groot belang. De meeste aandacht wordt uiteraard gegeven aan de regelingen en processtappen waar de risico’s het grootst zijn. Het uitvoeren van een risicoanalyse is behulpzaam bij de bepaling daarvan.
Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.1
Artikel 4.1.3
Controle vooraf
Onderdeel van Beleidsnota voorkomen misbruik en oneigenlijk gebruik