Het college weigert een BTx-vergunning als:
De chauffeur, dan wel de onderneming waarbij de chauffeur is aangesloten, niet beschikt over een klachtenprocedure die voldoet aan de door het college te stellen eisen, noch is aangesloten bij een landelijk erkende klachtenregeling;
De chauffeur niet voldoet aan de door het college gestelde opleidingseisen;
De chauffeur niet beschikt over een volledige chauffeurskaart;
De chauffeur geen verklaring omtrent het gedrag (VOG) van maximaal drie maanden oud kan overleggen;
De chauffeur in enig opzicht van slecht levensgedrag is;
Bij de aanvraag onjuiste gegevens zijn verstrekt;
Redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke omstandigheden niet met de in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn.
Het college kan een BTx-vergunning eveneens weigeren indien:
In een periode korter dan één jaar voor de aanvraag, een BTx-vergunning van aanvrager is ingetrokken op grond van artikel 10, sub c of artikel 14;
De chauffeur niet beschikt over een vaste woon- en verblijfplaats.
In het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob).
Hoofdstuk 3
Artikel 7.
Weigeringsgronden BTx-vergunning
Onderdeel van Verordening straattaxivervoer ’s-Hertogenbosch 2024