hoofdwoning: de woning op het perceel waar de pré-mantelzorglocatie is voorzien en die op grond van het ter plaatse geldende bestemmingsplan is toegestaan;
huishouden: één of meer personen die in vast verband samenleven (eventueel met hun kinderen) waarbij het samenleven wordt gekenmerkt door continuïteit en een sociale relatie; mantelzorg: intensieve zorg of ondersteuning op vrijwillige basis, die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende, ten behoeve van zelfredzaamheid of participatie, rechtstreeks voortvloeiend uit een tussen personen bestaande sociale relatie bijvoorbeeld familieleden, die de gebruikelijke hulp van huisgenoten voor elkaar overstijgt;
mantelzorgwoning: zelfstandige wooneenheid binnen de bestaande bebouwing, nieuw op te richten bebouwing of in een woonunit in verband met pré-mantelzorg, waarin een huishouden gevestigd is bestaande uit maximaal twee personen van wie ten minste één persoon mantelzorg gaat verlenen aan of ontvangt van een bewoner van de hoofdwoning;
nultreden-woning: wooneenheid die geschikt is voor mensen met lichte lichamelijke functiebeperkingen. Uitgangspunt is dat de basisfuncties (woonkamer, keuken, douche, wc en minimaal één slaapmogelijkheid) gelijkvloers zijn;
pré-mantelzorg: voorafgaand aan intensieve mantelzorg kan bij een progressieve ziekte of beperking sprake zijn van pré-mantelzorg. In een dergelijke situatie is behoefte aan een lichte vorm van mantelzorg waarbij de verwachting is dat binnen een termijn van 10 jaar sprake is van intensieve(re) mantelzorg. En waarvan de behoefte wordt aangetoond met een sociaalmedisch advies wordt;
sociaal-medisch advies: een objectieve toets naar de sociaal-medische situatie van een persoon, uitgevoerd door een sociaal-medisch adviseur;
sociale relatie: de band tussen twee of meerdere mensen op maatschappelijk (sociaal) gebied. Dit kan een familieband zijn maar ook een andere relatie is mogelijk bijvoorbeeld vrienden of buren;
woonunit: een demontabele of verplaatsbare woning welke niet op een ‘vaste’ fundering geplaatst wordt, tenzij deze in bestaande bebouwing gerealiseerd wordt;
zelfstandige wooneenheid (met een eigen huisnummer en voordeur): een woonruimte welke een eigen toegang heeft (eventueel via een centrale hal) en welke door één huishouden kan worden bewoond en beschikt over de wezenlijke voorzieningen zoals sanitair, kookgelegenheid en wasgelegenheid;
zorgverlener: een persoon met familiaire of andere sociale relatie die mantelzorg verleent aan de zorgontvanger.
Artikel 1
Begripsbepaling
Onderdeel van Beleidsregel “Ruimte voor mantelzorgwoning in pré-mantelzorg fase”