Bij het passeren van bomen moeten door de grondroerder voorzorgsmaatregelen worden getroffen die schade aan de betreffende boom voorkomt. De maatregelen en aanwijzingen zijn (onder andere) aangegeven op de bomenposter (Hoofdstuk 10, bijlage 10.4 van dit handboek) en het meest recente Handboek Bomen. Deze zijn beiden te downloaden via het registratiesysteem. Wanneer er toch een boom wordt beschadigd dient dit direct gemeld te worden bij de toezichthouder.
Indien de afstand van te leggen kabels en/of leidingen tot de bomen minder is dan bepaald in de bomenposter of het Handboek Bomen, dan moet er in overleg met de toezichthouder gekeken worden naar beschermende maatregelen of de keuze voor (gestuurde) boringen moeten worden gemaakt.
In het wortelgestel van bomen mag slechts bij hoge uitzondering worden gegraven en in dat geval alleen handmatig, dit is echter alleen toegestaan met goedkeuring van de toezichthouder. Wortels dikker dan 2,5 cm. in diameter mogen nooit worden verwijderd of beschadigd. Wortels kleiner dan 2,5 cm. in diameter mogen verwijderd worden door middel van zagen zonder de wortels te breken of eraan te trekken. Ontgraven wortels dienen te worden beschermd tegen uitdrogen, vorst en andere beschadigingen.
Als door de werkzaamheden een boom zoveel schade oploopt dat deze gerooid moet worden meldt de grondroerder dit direct bij de toezichthouder. Het planten van nieuwe bomen wordt verzorgd door de gemeente. Kosten van voorbereiding en herplant van bomen zijn voor rekening van de grondroerder.
Indien de grondroerder toestemming krijgt van de gemeente om een boom te rooien dient de grondroerder tevens de stobben te verwijderen en af te voeren en het ontstane gat laagsgewijs met grond aan te vullen en te verdichten. Tenslotte moet er een laag teelaarde worden aangebracht. De grond wordt op een zodanige wijze te afgewerkt dat er na inklinking sprake is van een vlakke overgang naar de ongeroerde grond. Reservering voor inklinking mag max. 0,10 m bedragen. In overleg met de toezichthouder wordt het eventuele inzaaien uitgevoerd volgens artikel 8.4, vijfde lid van dit handboek.
9.
Artikel 9.2
Werken nabij bomen (tevens rooi en herplant)
Onderdeel van Handboek Kabels en Leidingen 2024