Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 8.

Voorwaarden en gebruik vergunning

Onderdeel van Beleidsregels deelvoertuigen gemeente Zwolle 2024

Algemeen 1.. De vergunning is niet overdraagbaar; 2.. De vergunninghouder heeft een privacyverklaring in de Nederlandse taal, hij overlegt een uittreksel van voorgenomen verwerkingen in het register van de Algemene Verordening Gegevensverwerking en, indien hij daarover beschikt, een kopie van de verwerkersovereenkomst en hij staat toe dat de gegevens die aan de gemeente worden geleverd gedurende de looptijd van de vergunning conform het vastgestelde beleid, gebruikt mogen worden door de gemeente voor monitorings- en evaluatiedoeleinden. 3.. De vergunninghouder heeft een passende en adequate aansprakelijkheidsverzekering ten aanzien van de gemeente, gebruikers en derden in het kader van de voorgestelde exploitatie van deelvoertuigen. 4.. Vergunninghouder voor deelfietsen en deelscooters starten de dienstverlening met het minimaal aantal genoemde voertuigen in de vergunning. Op basis van een gebruiksratio kan het aantal vergunde deelvoertuigen worden uitgebreid tot het maximaal aantal in de vergunning genoemde voertuigen. Maar ook worden verlaagd indien het gebruik per voertuig te laag is. 5.. Het gemiddeld gebruik moet over een periode van drie maanden minimaal 2,0 ritten per voertuig per dag zijn. Bij een gemiddeld gebruik over een periode van drie maanden van meer dan 2,5 ritten per voertuig per dag kan elk kwartaal, na afstemming tijdens kwartaalevaluatie, het maximum aantal voertuigen van vergunninghouder met 50 voertuigen worden verhoogd. Indien het gemiddeld gebruik daarna meer dan 2,5 ritten per voertuig per dag blijft, kan het maximaal aantal voertuigen wederom worden verhoogd tot het maximum aantal voertuigen genoemd in de vergunning. 6.. Bij een gemiddeld gebruik over een periode van drie maanden van minder dan 2,5 ritten per voertuig per dag dient elk kwartaal, na afstemming tijdens kwartaalevaluatie, het aantal voertuigen van vergunninghouder met 50 voertuigen te worden verlaagd. Maximaal tot het minimaal aantal voertuigen genoemd in de vergunning. 7.. Deeltweewielers dienen, indien de gemeente de strategie voor Hubs heeft uitgewerkt, worden gestald in/op een Hub. De vergunninghouder neemt alle binnen de gemeente gerealiseerde Hubs op in het servicegebied 8.. Indien geen hub is aangewezen binnen het servicegebied, mogen deelvoertuigen binnen de wet- en regelgeving in de openbare ruimte worden gestald (zgn. freefloating). Stallen voertuigen 9.. De vergunninghouder verspreidt geclusterde deeltweewielers die langer dan 72 uur stil staan over het servicegebied om voor een efficiënte spreiding te zorgen. 10.. De vergunninghouder zorgt ervoor dat als er een door de gemeente bepaalde maximaal aantal deelscooters per parkeergebied, sector of HUB is vastgesteld, deze niet wordt overschreden; 11.. De vergunninghouder is ten alle tijden verantwoordelijk voor het correct stallen van de deelvoertuigen (door haar klanten) en neemt de nodige maatregelen om hinderlijk of foutief geparkeerde deelvoertuigen binnen 24 uur correct te stallen of te verwijderen uit de openbare ruimte. Onder correct stallen wordt hier verstaan het stallen binnen de aangewezen stallingslocaties/parkeerzones die gelden voor het betreffende deelvoertuig. 12.. De gemeente mag hinderlijk of foutief geparkeerde deelvoertuigen verwijderen uit de openbare ruimte als die niet binnen 48 uur zijn gecorrigeerd door de vergunninghouder nadat de melding van foutief parkeren is ontvangen. 13.. Wanneer de gemeente hierom vraagt, dient de vergunninghouder per direct medewerking te verlenen, bijvoorbeeld door een voertuig zelf te verwijderen of indien dat op dat moment niet mogelijk is deze (digitaal) van het slot te halen. 14.. De vergunninghouder verplicht gebruikers een foto te laten maken van het geparkeerde voertuig voordat deze de rit kan afsluiten, om te kunnen controleren of het voertuig hinderlijk of foutief gestald staat. 15.. De vergunninghouder maakt gebruik van het ‘three strikes you’re out’ principe waarbij een gebruiker na een eerste overtreding een waarschuwing krijgt, bij een tweede overtreding een boete en bij een derde overtreding wordt geroyeerd van het systeem. Bereikbaarheid, servicegebied en klachtenafhandeling 16.. De vergunninghouder heeft een vast Nederlands aanspreekpunt (telefonisch en per mail) dat zeven dagen per week op reguliere tijden bereikbaar is voor gebruikers en in staat is om zo snel mogelijk te handelen bij klachten of vragen. Daarnaast is de vergunninghouder 24/7 via een noodnummer bereikbaar voor overlast en calamiteiten om overlast in de openbare ruimte zoveel mogelijk te beperken. 17.. De vergunninghouder heeft een vast Nederlands aanspreekpunt (telefonisch en per mail) dat bereikbaar is voor de gemeente en in staat is om zo snel mogelijk te handelen bij klachten of vragen. 18.. De vergunninghouder zorgt ervoor dat klachten en meldingen binnen 24 uur in behandeling worden genomen en binnen twee weken een terugkoppeling wordt gestuurd naar de klager en/of de melder. 19.. Vergunninghouder draagt er zorg voor dat de deelvoertuigen voldoen aan de geldende regelgeving en kwaliteitsnormen; 20.. Vergunninghouder zorgt ervoor dat deelscooters alleen aangeboden worden aan personen van 18 jaar of ouder; 21.. Vergunninghouder zorgt ervoor dat hun servicegebied te allen tijde overeenkomt met de door het college vastgestelde dynamische kaart van het verboden gebied; 22.. De vergunninghouder moet het servicegebied binnen twee werkdagen aanpassen op wens van de gemeente. 23.. Het servicegebied is het gehele gebied van de gemeente Zwolle binnen de bebouwde kom. 24.. Het is vergunninghouder toegestaan om het servicegebied te vergroten buiten de bebouwde kom van Zwolle en tevens buiten de gemeentegrenzen. Mits andere gemeenten hier toestemming voor verlenen. 25.. Vergunninghouder draagt er zorg voor dat bij gemeentegrens overschrijdend gebruik te allen tijde tenminste 75% van het aantal vergunde deeltweewielers binnen Zwolle aanwezig zijn. 26.. Vergunninghouder is te allen tijde in staat om elk deelvoertuig te traceren; 27.. Vergunninghouder beschikt over een controlemechanisme dat er bij klanten op stuurt dat een deelvoertuig op de juiste manier wordt gestald, een en ander zoals aangegeven in het aangeleverde klachtenplan; 28.. Defecte of niet te gebruiken voertuigen dienen binnen 24 uur na melding door de vergunninghouder gerepareerd of verwijderd te worden uit de openbare ruimte. De vergunninghouder zorgt ervoor dat hij hierop actief handhaaft. Een en ander zoals aangegeven in het bij de aanvraag aangeleverde onderhoudsplan; 29.. Vergunninghouder dient de communicatie met gebruikers en inwoners zodanig in te richten dat ook rekening wordt gehouden met klachten van inwoners met een handicap. Gerelateerd aan artikel 9 van het VN verdrag voor de rechten van personen met een handicap, eerste lid onder a. en tweede lid onder b. Dataverzameling en informatievoorziening 30.. Vergunninghouder verklaart met diens aanvraag van een Vergunning tevens in te stemmen met de bepalingen van het Afsprakenstelsel van het DMI-ecosysteem en zich binnen 2 kalenderweken na datum toekenning Vergunning te zullen aanmelden als deelnemer in het DMI-ecosysteem en deelnemer te blijven gedurende de volledige periode dat diens Vergunning van kracht is. (Afsprakenstelsel is als bijlage bijgevoegd). Toelichting: Het Dutch Metropolitan Innovations (DMI)-ecosysteem voor mobiliteitsvernieuwing en slimme, duurzame verstedelijking brengt een digitale koppeling aan tussen mobiliteit, ruimte en verduurzaming. Zie ook www.dmi-ecosysteem.nl. 31.. De vergunninghouder doet mee aan de periodieke, landelijke enquête onder gebruikers van de deelmobiliteit, en levert indien van toepassing aan de uitvoerend onderzoekspartij de relevante ruwe, geanonimiseerde enquêteresultaten. 32.. De vergunninghouder dient gegevens over haar deelvoertuigen in de gemeente, geautomatiseerd aan te leveren aan de gemeente of aan de door gemeente aangewezen derden, op basis van het Nederlands Profiel Datadelen Deelmobiliteit, dat is ontwikkeld aan de hand van de CDS-M werkwijze ten behoeve van een zorgvuldige, veilige en effectieve data-uitwisseling. 33.. Wanneer het Nederlands Profiel Datadelen Deelmobiliteit nog niet ontwikkeld is, dient de vergunninghouder in de tijdelijkheid mee te werken aan monitoring door een real-time GPS-trace aan de voertuigen te koppelen. De GPS-trace - die in voertuig of app kan zitten – geeft informatie over de locatie met een interval tijd van 15-30 seconden met een nauwkeurigheid van idealiter maximaal 20 meter. Per trace is de volgende informatie te lezen: de start- en eindlocatie van de rit; de duur van de rit; het tijdens de rit afgelegde aantal kilometers. Rapportages en overleggen 34.. Er worden ieder kwartaal evaluatiegesprekken gevoerd om te evalueren of aan de toelatingsvoorwaarden, voorschriften en kwaliteitseisen wordt voldaan. Hiervoor wordt een rapportage aangeleverd. 35.. Wanneer hier niet aan voldaan wordt, heeft de vergunninghouder drie maanden de tijd om dit wel aantoonbaar te voldoen. Als na deze periode nog niet wordt voldaan volgt een officiële waarschuwing. 36.. De vergunninghouder heeft na deze waarschuwing nogmaals drie maanden de tijd om wel aantoonbaar te voldoen. Als dit niet is gebeurd, kan de gemeente de vergunning intrekken. 37.. Om de dienstverlening rondom deeltweewielers in Zwolle verder te verbeteren wordt elk half jaar, een gezamenlijk overleg georganiseerd tussen de gemeente en alle vergunninghouders van deel- en publieke mobiliteit die een vergunning hebben. 38.. In de 2e helft van 2024 vinden de overleggen in een hogere frequentie plaats om een goede start en een verdere gezamenlijke invulling van de beleidsregels te borgen. De gesprekken worden dan ieder kwartaal ingepland. 39.. Om snel en gericht bij te kunnen sturen op aanbod en (achterblijvende) vraag en inzicht te verkrijgen in het verplaatsingsgedrag, levert de vergunninghouder de benodigde data geanonimiseerd per kwartaal (of eerder op verzoek) digitaal aan via DATATYPE (Bijv. in Shapefile om met GIS te kunnen analyseren). 40.. Om te kunnen monitoren op handhaving en beheer van de deelvloot en om inzicht te krijgen in de druk op de openbare ruimte levert de vergunninghouder data aan de gemeente Zwolle. De volgende data wordt geanonimiseerd per kwartaal (of eerder op verzoek), zonder extra kosten, schriftelijk aangeleverd: Kwantitatieve data: Aantallen unieke gebruikers, actieve gebruikers, aantal kilometers per rit, aantal ritten per dag, gemiddelde duur gebruik per rit, tijdstip (start, einde), locatie herkomst en bestemming, aantal beschikbare voertuigen per buurtcode/ in gebruik zijnde voertuigen per wijk en postcode, aantal defecte voertuigen, aantal en locaties vernielde voertuigen, aantal ontvangen meldingen, klachten en oplostijd hiervan, geanonimiseerde verplaatsingsgegevens; Kwalitatieve data: informatie die verzameld wordt door aanbieder via enquêtes onder (potentiële) klanten over in ieder geval: relatie met autobezit en -gebruik, modal shift en verbetering van aanbod. In het geval de gemeente Zwolle zelf kwalitatief onderzoek wil doen in het kader van monitoring en evaluatie, verzendt de vergunninghouder de enquête naar zijn klanten. De rapportages worden uiterlijk 1 maand na afloop van elk kwartaal aangeleverd.

Rechtspraak bij dit artikel