Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.4

Onderzoek naar de nodige ondersteuning

Onderdeel van VERORDENING MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING GEMEENTE DE FRYSKE MARREN 2024

Het onderzoek houdt onder andere een gesprek in. Het Sociaal Wijkteam voert dit gesprek met diegene die hulp nodig heeft. Bij het gesprek kunnen ook familieleden, mantelzorgers, kennissen of andere onafhankelijke partijen die belangrijk voor de cliënt zijn, aanwezig zijn. In de gesprekken geven het Sociaal Wijkteam en de cliënt samen antwoord op deze vragen: wat hij/zij nodig heeft en wat het beste in deze situatie past; het gewenste resultaat van de hulp; de mogelijkheden om zelfstandig te blijven of meer deel te nemen aan de samenleving, met eigen mogelijkheden, gebruikelijke hulp of algemene voorzieningen. Dit kan ook gaan over de behoefte aan beschermd wonen of opvang; hoe mantelzorg of hulp van anderen uit zijn of haar omgeving kan helpen aan verbetering van zijn/haar zelfstandigheid of participatie, of aan zijn/haar behoefte aan beschermd kunnen wonen of opvang; de behoefte aan ondersteuning voor mantelzorgers; de mogelijkheden om met algemene voorzieningen of maatschappelijk waardevolle activiteiten zijn/haar zelfstandigheid of participatie te verbeteren. Ook als het gaat om de behoefte aan beschermd kunnen wonen of opvang te krijgen; de mogelijkheden om met zorgverzekeraars, zorgaanbieders, instanties voor publieke gezondheid, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen samen te werken om de hulp goed met elkaar af te stemmen; de bijdragen die hij/zij moet betalen voor de hulp of voorziening (eigen bijdrage); de mogelijkheden om te kiezen voor een pgb, waarbij hij/zij begrijpelijke informatie krijgt over de gevolgen van die keuze. De cliënt kan een persoonlijk plan schrijven. Dit wordt dan meegenomen in het onderzoek. Het Sociaal Wijkteam informeert de cliënt over hoe het onderzoek verloopt, zijn rechten en plichten, en de volgende stappen in het proces. De cliënt geeft aan het Sociaal Wijkteam de informatie die nodig is voor het onderzoek en waarover hij/zij logisch kan beschikken. Bij het onderzoek controleert het Sociaal Wijkteam de identiteit van de cliënt aan de hand van een geldig identiteitsbewijs (volgens artikel 2.3.4 van de Wmo). Als de hulpvraag al voldoende bekend is, kan het Sociaal Wijkteam met de cliënt afspreken om geen gesprek te voeren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel