Naar hoofdinhoud
(artikel 14, derde lid, tweede volzin Leerplichtwet) 1.. De medewerker leerplicht/doorstroomcoach bevestigt de ontvangst van een aanvraag terstond aan de ouders en vermeldt in de ontvangstbevestiging de termijn waarbinnen de medewerker leerplicht/doorstroomcoach een besluit zal nemen. Indien het een aanvraag is die niet meer dan 10 schooldagen betreft wordt deze doorgezonden naar het directeur van de school om een besluit te nemen en worden ouders geïnformeerd dat de aanvraag is doorgestuurd, conform artikel 2.3 Algemene wet bestuursrecht (Awb). Een afschrift van de brief aan de ouders wordt aan de betreffende directeur van de school gezonden. Indien de periode tussen de ontvangst van de aanvraag en de aanvang van het gevraagde verlof korter is dan de termijn die redelijkerwijs nodig is om tot een besluit te komen, deelt de medewerker leerplicht/doorstroomcoach dit bij de ontvangstbevestiging aan de ouders mee en wijst hij de ouders op de mogelijkheid dat de ouders de wet overtreden indien de aanvraag niet of niet geheel wordt gehonoreerd. 2.. De medewerker leerplicht/doorstroomcoach geeft de ouders een termijn van ten minste één week en ten hoogste drie weken om een onvolledig ingediende aanvraag aan te vullen. De medewerker leerplicht/doorstroomcoach kan hiervoor een formulier vaststellen. 3.. De medewerker leerplicht/doorstroomcoach hoort de directeur over de aanvraag en draagt er zorg voor dat het oordeel van de directeur over de aanvraag schriftelijk wordt vastgelegd. 4.. De medewerker leerplicht/doorstroomcoach draagt er zorg voor dat de zienswijze van de ouders bij een voorgenomen beslissing die geheel of gedeeltelijk van de aanvraag afwijkt, schriftelijk wordt vastgelegd. 5.. De medewerker leerplicht/doorstroomcoach kan de jongere en/of de ouders in de gelegenheid stellen zijn/hun zienswijze kenbaar te maken. 6.. De medewerker leerplicht/doorstroomcoach kan bepalen op welke wijze aan de directeur, de ouders of de jongere de gelegenheid wordt geboden om zienswijzen aan hem kenbaar te maken. 7.. De medewerker leerplicht/doorstroomcoach legt de behandeling van de aanvraag zorgvuldig vast in het leerlingdossier. 8.. Bij de beoordeling van een aanvraag van meer dan tien dagen, gaat de medewerker leerplicht/doorstroomcoach na of er sprake is van omstandigheden die buiten de wil of invloedsfeer van de ouder of de leerling zijn gelegen, zoals familieomstandigheden, medische of sociale indicatie. De medewerker leerplicht/doorstroomcoach neemt een beslissing en deelt deze schriftelijk mee aan de ouders. Een afschrift van de brief aan de ouders wordt aan de betreffende directeur van de school of instelling gezonden. 9.. De medewerker leerplicht/doorstroomcoach kan advies geven aan een directeur (op diens verzoek) over de behandeling en beoordeling van een aanvraag verlof te verlenen wegens andere gewichtige omstandigheden voor een periode van tien schooldagen of minder. Indien de medewerker leerplicht/doorstroomcoach een dergelijk advies geeft, deelt de directeur aan de medewerker leerplicht/doorstroomcoach de beslissing op de aanvraag mee. 10.. De medewerker leerplicht/doorstroomcoach kan aan de directeuren van de betrokken scholen en/of instelling(en) gevraagd of ongevraagd een advies geven over het te voeren beleid met betrekking tot aanvragen voor verlof wegens andere gewichtige omstandigheden voor tien schooldagen of minder, met het oog op het bevorderen van de rechtsgelijkheid. 11.. Indien er een bezwaarschrift op een besluit als bedoeld in lid 7 wordt ingediend, dan laat de medewerker leerplicht/doorstroomcoach zich adviseren door de afdeling juridische zaken die zich bezig houdt met het behandelen van bezwaren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel