Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.4

Artikel 2.4.3

Relevante veranderingen voor Toezicht en Handhaving

Onderdeel van Beleid Vergunningen, Toezicht en Handhaving fysieke leefomgeving Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel 2024

Voor toezicht en handhaving zijn vier hoofdlijnen van het nieuwe stelsel belangrijk: Een verdergaande verschuiving van vergunningen naar algemene regels; Met de regels in het Bal en het Bbl is een duidelijke verschuiving van vergunningverlening naar algemene regels te zien. Bedrijven en burgers zijn zelf verantwoordelijk om de op hun van toepassing zijnde regels op te zoeken en na te leven. Doordat er aan de voorkant geen toetsing meer plaatsvindt, heeft dit tot gevolg dat toezicht en handhaving belangrijker wordt. Meer algemene en specifieke zorgplichten; In de Omgevingswet en de AMvB’s krijgt de zorgplicht een volwaardige plaats naast de 6 kerninstrumenten van de Omgevingswet.1De 6 kerninstrumenten zijn: omgevingsvisie, programma, omgevingsplan, omgevingsverordening, omgevingsvergunning en projectbesluit. De zorgplicht past enerzijds goed in de gedachtegang van de Omgevingswet: de verantwoordelijkheid ligt bij degene die een activiteit met mogelijk nadelige gevolgen voor de fysieke leefomgeving uitvoert en biedt daarnaast flexibiliteit. Anderzijds zijn zorgplichten lastig te handhaven, waardoor in de praktijk mogelijk onduidelijke situaties kunnen ontstaan. Doelvoorschriften worden belangrijker ten koste van middelvoorschriften; Een van de uitgangspunten van de Omgevingswet is flexibiliteit. Daarom bestaan er onder de Omgevingswet zoveel mogelijk doelvoorschriften in plaats van middelvoorschriften. In gevallen waarin het niet mogelijk is om een doelvoorschrift te stellen worden nog middelvoorschriften gesteld. Doelvoorschriften zijn voorschriften die aangeven dat een bepaald doel bereikt moet worden, maar niet hoe dat moet gebeuren.2Een voorbeeld van een doelvoorschrift is artikel 2.19 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl).  Doelvoorschriften geven meer vrijheid om zelf de maatregelen te kiezen om het doel te bereiken. Middelvoorschriften schrijven daarentegen wel een specifiek middel voor dat moet worden toegepast. De toezichthouder hoeft bij doelvoorschriften alleen te beoordelen of het doel wordt gehaald. Hoe dit doel dan wordt gehaald, hoeft niet te worden gecontroleerd. De aanvliegroute is integraal in plaats van sectoraal. De allerbelangrijkste wijziging is misschien wel dat alle aspecten die te maken hebben met de fysieke leefomgeving in de Omgevingswet bij elkaar zijn gezet: bouwwerken, infrastructuur, water, bodem, lucht, landschappen, natuur en cultureel erfgoed. Nieuw is dat ook de gezondheid bij de afweging van de gevolgen voor de fysieke leefomgeving moet worden betrokken. Dat betekent dat onder meer de GGD als nieuwe organisatie betrokken is bij de uitvoering. Het integrale karakter zorgt ervoor dat toezichthouders en handhavers nog meer moeten samenwerken dan nu al het geval is als het gaat om een activiteit die gevolgen heeft voor twee of meer van bovengenoemde aspecten waarvoor verschillende bestuursorganen bevoegd zijn.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel