Het college zet ondersteunende vervangende opvoeding voor de jeugdige in, als gedurende een behandelingssituatie hulp vanwege een of meerdere van de volgende omstandigheden niet in de thuissituatie kan worden geboden:
de opvoedsituatie is niet veilig genoeg voor de jeugdige;
de jeugdige vormt een gevaar voor zichzelf of de omgeving, welk gevaar niet door de opvoeders, al dan niet in combinatie met ambulante hulp, kan worden weggenomen;
de noodzakelijke hulp aan de jeugdige kan niet in afdoende mate door de opvoeders of ambulante hulp worden geboden;
vervangende opvoeding levert betere en effectievere hulp aan de jeugdige op.
Hoofdstuk 3: › Paragraaf 3.1
Artikel 17.
Aanvullende criteria voor de maatwerkvoorziening vervangende opvoeding
Onderdeel van Integrale Verordening Sociaal Domein Zuidplas 2024