Deze verordening kan worden aangehaald als: “Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid van de gemeente Heerenveen 2006”.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 8 januari 2007.
De griffier,
De voorzitter,
Toelichting op de verordening artikel 213a Gemeentewet
Algemeen
Artikel 213a Gemeentewet verplicht tot het periodiek onderzoek verrichten naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het door het college gevoerde bestuur. Anders dan het onderzoek door de rekenkamer gaat het hierbij om een zelfonderzoek. Toetsing op doelmatigheid en doeltreffendheid van het gemeentelijk beleid is van groot belang voor de algemene oordeelsvorming over het gevoerde beleid. Met de instelling van de onderzoeken wordt beoogd de transparantie van het gemeentelijk handelen te vergroten, en daardoor doelmatiger en doeltreffender te werken en de publieke verantwoording daarover te versterken. Alle zaken die voor een doelmatig en doeltreffend bestuur van belang zijn kunnen daarbij aan de orde komen.
Het is in de nieuwe Gemeentewet de verantwoordelijkheid van de raad om regels te stellen, die waarborgen dat deze onderzoeksverplichting op een zinvolle wijze wordt ingevuld.
Artikelsgewijze toelichting verordening 213a Gemeentewet
Artikel 2 Onderzoeksfrequentie
In artikel 2 wordt het college opgedragen onderzoek te doen naar de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur. Hierbij wordt een scheiding aangebracht tussen onderzoeken naar de doelmatigheid en onderzoeken naar de doeltreffendheid. Er wordt een minimaal aantal uit te voeren interne onderzoeken per jaar geëist.
Artikel 3 Onderzoeksobject
Het object van een onderzoek wordt dusdanig omschreven, dat duidelijk aangegeven is, wat de afbakening van het onderzoek is. Daarbij worden bij de doelmatigheidsonderzoeken duidelijk de scheidslijnen aangegeven ten aanzien van de te onderzoeken procedures, instrumenten en gemeentelijke taken. Bij de doeltreffendheidsonderzoeken worden duidelijk de scheidslijnen met andere beleidsvelden aangegeven.
Artikel 4 Voortgang onderzoeken
De bedrijfsvoeringparagraaf behorende bij de beleidsinstrumenten (begroting, tussentijdse rapportages en jaarrekening) dient inzicht te geven in de stand van zaken en de beleidsvoornemens omtrent de bedrijfsvoering. Daarbij dient een relatie te worden gelegd met inhoud van de programma’s van de begroting en jaarstukken.
Artikel 5 Rapportage en gevolgtrekking
Met de instelling van de onderzoeken beoogt de gemeente de transparantie van gemeentelijk handelen te vergroten en de publieke verantwoording daarover te versterken. De bevindingen van de onderzoeken worden dan ook neergelegd in rapporten voor de raad, zoals voorgeschreven in artikel 213a, tweede lid van de Gemeentewet.
Artikel 6 Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in de plaats van de vorige opgestelde verordening van 2003. De nieuwe verordening is van kracht voor het verslagjaar 2006.
Artikel 7 Citeertitel
In dit artikel wordt de naam gegeven, waarmee in gemeentelijke stukken naar deze verordening kan worden verwezen.