Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 9 › Paragraaf 9.4

Artikel 9.4.2

Kwijtschelding openstaande vorderingen

Onderdeel van Beleidsregels sociaal domein Olst-Wijhe Januari 2024

1.. De gemeente stelt zich tot doel om de teruggevorderde uitkering optimaal in te vorderen, voor zover zich daar geen andere wettelijke regeling tegen verzet. 2.. De gemeente kan overgaan tot kwijtschelding van (het restant van) de vordering als de belanghebbende: gedurende een periode van vijf jaar volledig aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan en tenminste 75% van de hoofdsom van de vordering heeft voldaan; gedurende vijf jaar niet (volledig) aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan, maar het achterstallige bedrag alsnog binnen de vijf-jarentermijn heeft voldaan en tenminste 75% van de hoofdsom van de vordering heeft voldaan. 3.. In afwijking van het tweede lid a en b is de termijn geen vijf jaar maar tien jaar bij besluiten tot terugvordering wegens schending van de inlichtingenplicht. 4.. In beginsel wordt een besluit als bedoeld in het tweede lid onder a en b, slechts genomen als de belanghebbende daarom heeft verzocht. 5.. Kwijtschelding vindt in beginsel niet plaats als de vordering: door middel van beslag of (vereenvoudigd) derdenbeslag wordt ingevorderd; voor invordering is overgedragen aan de gerechtsdeurwaarder, dan wel wordt gedekt door pand of hypotheek op een of meer goederen, dit voor zover de vordering op deze goederen kan worden verhaald.

Rechtspraak bij dit artikel