Naar hoofdinhoud
1.. Cliënt meldt zich zes tot acht weken voor de einddatum van de indicatie zelf voor herindicatie bij de gemeente indien hij dit wenst. Deze melding voor een herindicatie wordt behandeld als een melding zoals bedoeld in artikel 2 van deze nadere regels. 2.. Als een cliënt zich niet meldt voor een herindicatie onderneemt het college het initiatief voor een evaluatie van de verstrekte voorziening waaruit mogelijk een herindicatie volgt. 3.. Het college beoordeelt de voortgang op de beoogde resultaten en de geleverde kwaliteit van de ondersteuning zoals vermeld in de beschikking. 4.. Bij een herindicatie onderzoekt de gemeente de actuele situatie van de cliënt. 5.. De cliënt kan worden verzocht een andere aanbieder of pgb-aanbieder in te schakelen indien blijkt dat: de geleverde ondersteuning onvoldoende cliëntgericht en/of doeltreffend is; de activiteiten van de aanbieder of pgb-aanbieder niet voldoende gericht zijn op het bereiken van de resultaten; de kwaliteit onvoldoende geborgd is, zoals de wetgever dat heeft bedoeld; de cliënt ook onvoldoende heeft geprobeerd om de zorg/ondersteuning bij te sturen. Het college zoekt in bovenstaande gevallen met cliënt naar een passend alternatief. 6.. Na het onderzoek kan cliënt een aanvraag doen zoals bedoeld in artikel 4 van deze nadere regels.

Rechtspraak bij dit artikel