Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 1.

Cameratoezicht is ter handhaving van de openbare orde

Onderdeel van Beleidskader cameratoezicht gemeente Huizen 2024

Het beoogde doel en effect van de inzet van cameratoezicht dient vooraf bepaald en vast-gelegd te worden. Cameratoezicht kan op grond van artikel 151c van de Gemeentewet alleen worden ingezet in het belang van handhaving van de openbare orde. Hieronder valt ook het voorkomen van zich concreet voordoende of dreigende verstoringen van de openbare orde en strafbare feiten die invloed hebben op de orde en rust in de gemeentelijke samenleving. Met het begrip openbare orde wordt geduid op een ordentelijk verloop van het maatschappelijk leven in de openbare ruimte. In 2007 oordeelde de Hoge Raad dat het bij een verstoring van de openbare orde moet gaan om een verstoring van enige betekenis van de normale gang van zaken in of aan de desbetreffende openbare ruimte. De opsporing van strafbare feiten vormt geen zelfstandig doel voor de inzet van gemeentelijk cameratoezicht. Opsporing is een aanvullend doel, in die zin dat de vastgelegde beelden uit het cameratoezicht gebruikt mogen en kunnen worden voor de opsporing van strafbare feiten bij concrete aanleiding van een vermoeden hiervan. Het opsporen van verdachten wordt daarom gezien als ‘bijvangst’.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel