Naar hoofdinhoud

Artikel 10.

Algemene verplichtingen van subsidie-ontvanger

Onderdeel van ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING HEERENVEEN 2014

Als aannemelijk is dat een of meer van de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet of niet geheel zullen worden verricht of dat niet of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan, meldt de subsidieontvanger dat onverwijld aan het college (meldingsplicht). Een subsidieontvanger informeert het college onverwijld schriftelijk over: beslissingen of procedures die zijn gericht op de beëindiging van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, of tot ontbinding van de gesubsidieerde rechtspersoon; relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische verhouding met derden; ontwikkelingen die ertoe kunnen leiden dat aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen niet of niet geheel zullen kunnen worden nagekomen; wijziging van de statuten voor zover het betreft de vorm van de gesubsidieerde rechtspersoon, de persoon van de bestuurder of bestuurders en het doel van de rechtspersoon. De subsidieontvanger behoeft de toestemming van het college voor handelingen als vermeld in artikel 4:71 van de wet. Het college heeft de bevoegdheid om, naast de standaardverplichtingen vermeld in artikel 4:37 van de wet, bij de subsidieverlening andere verplichtingen op te leggen die strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie (artikel 4:38 van de wet). Een subsidieontvanger is verplicht mee te werken aan een door of namens de gemeente ingesteld onderzoek op het beleidsveld, waar de activiteit van de subsidieontvanger op gericht is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel