**1..** Vraagt de inwoner hulp-op-maat, dan kent de gemeente die hulp-op-maat toe in de volgende situaties:
De hulp-op-maat is noodzakelijk om (één van) de doelen van de in 1.1 genoemde wetten te bereiken;
De inwoner heeft geen mogelijkheden om het gewenste resultaat op eigen kracht te bereiken. Hij kan dit resultaat ook niet bereiken met gebruikelijke hulp-op-maat van huisgenoten, hulp-op-maat van mantelzorgers, hulp-op-maat van anderen uit het sociale netwerk, of met behulp van hulp-op-maat van andere voorzieningen of organisaties; en
De hulp-op-maat past bij het gewenste resultaat en de persoonlijke situatie van de inwoner.
**2..** De hulp-op-maat is voldoende in inzet en van kwaliteit, zodat de inwoner het gewenste resultaat kan bereiken.
**3..** De gemeente kan hulp-op-maat op basis van de Wmo 2015 weigeren als de hulp-op-maatvraag het gevolg is van het feit dat een inwoner niet heeft gehandeld in lijn met zijn aanwezige beperkingen en/of de redelijkerwijs te verwachten ontwikkelingen daarvan. Als die weigering betekent dat de inwoner grote problemen zal krijgen (onevenredig nadeel ervaart), dan kent de gemeente de hulp-op-maat echter alsnog toe.
**4..** Geen maatwerkvoorziening wordt verstrekt:
als voor de problematiek die aanleiding geeft voor de noodzaak tot ondersteuning, een voorziening op grond van een andere wettelijke bepaling bestaat;
als de cliënt de gevraagde voorziening voor de melding heeft gerealiseerd of geaccepteerd, tenzij er sprake is van een acute noodsituatie waardoor het voor de cliënt dringend noodzakelijk was de voorziening te treffen;
als de cliënt de gevraagde voorziening na de melding en vóór datum van besluit heeft gerealiseerd of geaccepteerd, tenzij de gemeente daarvoor schriftelijk toestemming heeft gegeven of de noodzaak en passendheid van de voorziening en de gemaakte kosten achteraf nog kan beoordelen;
als de gevraagde voorziening al eerder aan de cliënt is verstrekt op grond van enige wettelijke bepaling en de normale afschrijvingstermijn van die voorziening nog niet verstreken is. Tenzij de voorziening verloren is gegaan door omstandigheden die niet aan de cliënt zijn toe te rekenen of de cliënt de restwaarde van de voorziening die verloren is gegaan geheel of gedeeltelijk vergoedt;
als deze niet hoofzakelijk op het individu is gericht;
als de voorziening niet noodzakelijk was geweest wanneer de cliënt rekening had gehouden met bestaande en bekende beperkingen en de te verwachten ontwikkelingen daarvan;
als er een goedkopere compenserende maatwerkvoorziening beschikbaar is.
**5..** Als de hulp-op-maat nodig is ter vervanging van een eerder verstrekte hulp-op-maat, wordt deze alleen verstrekt als de eerdere hulp-op-maat technisch is afgeschreven.
Behalve wanneer de eerder verstrekte hulp-op-maat verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die de inwoner niet te verwijten valt;
Behalve wanneer de inwoner tegemoet komt in de veroorzaakte kosten, of;
Indien de eerste verstrekte hulp-op-maat niet langer een oplossing biedt voor de hulp-op-maatvraag van de inwoner.
**6..** De kosten die gemaakt zijn vóórdat de aanvraag is ingediend worden niet vergoed, tenzij de inwoner hiervoor voorafgaand aan de aanvraag schriftelijke toestemming heeft gekregen van de gemeente of als de gemeente de noodzaak, adequaatheid, passendheid en de gemaakte kosten van de hulp-op-maat achteraf kan beoordelen.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.3
Artikel 2.3.2
Voorwaarden aanvraag hulp-op-maat (Jeugdwet/Wmo)
Onderdeel van Verordening Jeugdhulp en Wmo 2024 Gemeente Geldrop-Mierlo