Het college ziet af van het toepassen van een maatregel indien:
elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt; of
na het moment van kennisneming van de gedraging door het college een periode van zes maanden is verstreken.
Het college kan afzien van een maatregel indien het daarvoor dringende redenen aanwezig acht.
Indien het college afziet van een maatregel op grond van dringende redenen, wordt een belanghebbende hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld.
Hoofdstuk 1.
Artikel 5.
Afzien van het opleggen van een maatregel
Onderdeel van Maatregelenverordening WWB, IOAW en IOAZ 2013 gemeente Heerenveen