Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 6.

Criteria voor een maatwerkvoorziening

Onderdeel van Verordening Wet Maatschappelijke Ondersteuning gemeente Ameland 2024

1.. Het college kan een maatwerkvoorziening verlenen om een oplossing te vinden voor een probleem die een cliënt ervaart in het dagelijkse leven. Het college gaat hierbij uit van de behoeften en persoonskenmerken van de cliënt, zoals opgenomen in het verslag op basis van het onderzoek dat is gedaan. De maatwerkvoorziening levert een passende bijdrage aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld tot zelfredzaamheid en participatie en zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kan blijven. 2.. Om een oplossing te vinden, worden eerst onderstaande voorzieningen beoordeeld op daadwerkelijke beschikbaarheid en bruikbaarheid voor cliënt: eigen (financiële) mogelijkheden; alle eventueel aanwezige huisgenoten, en/of mantelzorg, het eigen netwerk, die beschikbaar zijn en in staat om werkzaamheden over te nemen; alle algemeen gebruikelijke voorzieningen; alle wettelijke voorliggende voorzieningen; alle algemene voorzieningen; alle andere voorzieningen. 3.. Een cliënt met psychische of psychosociale problemen en een cliënt die de thuissituatie heeft verlaten, al dan niet in verband met risico’s voor zijn veiligheid als gevolg van huiselijk geweld, komt in aanmerking voor een maatwerkvoorziening ter compensatie van de problemen bij het zich handhaven in de samenleving, voor zover de cliënt deze problemen naar het oordeel van het college niet op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk dan wel met gebruikmaking van algemene voorzieningen kan verminderen of wegnemen. De maatwerkvoorziening levert, rekening houdend met de uitkomsten van het in artikel 4 bedoelde onderzoek, een passende bijdrage aan het voorzien in de behoefte van de cliënt aan beschermd wonen of opvang en aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld zo zich snel mogelijk weer op eigen kracht te handhaven in de samenleving. 4.. Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is ter vervanging van een eerder door het college verstrekte voorziening, wordt deze slechts verstrekt als de eerder verstrekte voorziening technisch is afgeschreven: tenzij de eerder verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de cliënt zijn toe te rekenen; tenzij de cliënt geheel of gedeeltelijk tegemoet komt in de veroorzaakte kosten, of als de eerder verstrekte voorziening niet langer een oplossing biedt voor de behoefte van de cliënt aan maatschappelijke ondersteuning. 5.. Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is, verstrekt het college de goedkoopst adequate tijdig beschikbare voorziening. Hierbij kan ook worden gedacht aan een financiële tegemoetkoming. 6.. De maatwerkvoorziening wordt verstrekt indien deze gezien de beperkingen van de cliënt, veilig voor hemzelf en zijn omgeving is, geen gezondheidsrisico’s met zich meebrengt en niet anti-revaliderend werkt. 7.. Bij een te verstrekken vervoersvoorziening wordt ten aanzien van de vervoersbehoefte ten behoeve van maatschappelijke participatie uitsluitend rekening gehouden met de verplaatsingen in de directe woon- en leefomgeving in het kader van het leven van alledag, tenzij zich een uitzonderingssituatie voordoet waarbij het gaat om een bovenregionaal contact dat uitsluitend door de aanvrager zelf bezocht kan worden terwijl het bezoek noodzakelijk is om dreigende vereenzaming te voorkomen. 8.. Er wordt geen maatwerkvoorziening verstrekt indien: de cliënt geen ingezetene is van de gemeente Ameland; Uitzondering hierop is opvang en beschermd wonen of als het gaat om een voorgenomen verhuizing naar de gemeente Ameland; de kosten, waarop de maatwerkvoorziening betrekking heeft, naar oordeel van het college vermeden hadden kunnen worden; de cliënt kosten heeft gemaakt of verplichtingen is aangegaan door zelf de voorziening aan te schaffen, waardoor het probleem al is opgelost; er bij cliënt geen sprake is van aantoonbare meerkosten, in vergelijking met de situatie voorafgaand aan het optreden van de beperkingen waarvoor compensatie wordt gevraagd; een voorziening, waarop de aanvraag betrekking heeft reeds eerder krachtens deze, of een voorgaande verordening is verstrekt, en de technische levensduur van de voorziening nog niet is verstreken. Tenzij de voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de cliënt zijn toe te rekenen; het een woonvoorziening betreft en de cliënt in een hotel / pension, trekkerswoonwagen, klooster, tweede woning, vakantiewoning, recreatiewoning en onzelfstandige woonruimte zoals kamerverhuur woont; het een woonvoorziening betreft aan specifiek op gehandicapten of ouderen gerichte woongebouwen voor voorzieningen in gemeenschappelijke ruimten of voorzieningen die bij nieuwbouw, levensloopbestendig bouwen of renovatie zonder noemenswaardige meerkosten meegenomen kunnen worden; voor de problematiek die aanleiding geeft voor de noodzaak tot ondersteuning, een voorziening op grond van een andere wettelijke bepaling bestaat; voor zover de maatwerkvoorziening niet in overwegende mate op het individu is gericht; als de maatwerkvoorziening niet noodzakelijk was geweest wanneer de cliënt rekening had gehouden met de reeds bestaande beperkingen, niet verband houdende met de overgang naar een volgende levensfase als de maatwerkvoorziening niet langdurig noodzakelijk is, behoudens thuisondersteuning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel