Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2. › Afdeling 1

Artikel 2:2

Maken, veranderen van een uitweg

Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving Gulpen-Wittem 2024, eerste wijziging

1.. Het is verboden een uitweg te maken naar de weg of verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg als: daarvan niet van tevoren melding is gedaan aan het college, onder indiening van een situatieschets van de gewenste uitweg en een foto van de bestaande situatie; of het college het maken of veranderen van de uitweg heeft verboden. 2.. Het college verbiedt het maken of veranderen van de uitweg: in het belang van de bruikbaarheid van de weg; in het belang van het veilig en doelmatig gebruik van de weg; in het belang van de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving; in het belang van de bescherming van groenvoorzieningen van de gemeente; in het belang van de bruikbaarheid van een openbare parkeergelegenheid; als er sprake is van strijdigheid met andere wet- en regelgeving. 3.. De uitweg kan worden aangelegd als het college niet binnen vier weken na ontvangst van de melding heeft beslist dat de gewenste uitweg wordt verboden. 4.. Het college kan beleidsregels opstellen ter uitleg van de verbodsgronden genoemd in het tweede lid. 5.. Het verbod is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, de provinciale omgevingsverordening of de waterschapsverordening.

Rechtspraak bij dit artikel