**1..** Bijzondere bijstand wordt verleend met inachtneming van de draagkracht uit het inkomen van de belanghebbende.
**2..** Er is geen draagkracht aanwezig bij een inkomen op of lager dan 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5 onderdeel c Participatiewet.
**3..** De draagkracht bedraagt 100% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5 onderdeel c Participatiewet, als sprake is van bijzondere bijstand voor woonkostenkostentoeslag als bedoeld in artikel 12 van deze beleidsregel en voor kosten van levensonderhoud als bedoeld in artikel 12 Participatiewet.
**4..** De middelen als bedoeld in artikel 31 lid 2 Participatiewet, de voor de algemene bijstand vrijgelaten particuliere oudedagsvoorziening als bedoeld in artikel 33 lid 5 Participatiewet, de individuele inkomenstoeslag en de studietoeslag zoals bedoeld in de artikelen 36 en 36b Participatiewet worden niet tot het inkomen gerekend.
**5..** In afwijking van het eerste lid wordt voor de berekening van de draagkracht uitgegaan van het feitelijk besteedbaar inkomen in situaties:
van beslag;
waarbij een schuldsaneringsregeling op grond van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP) is uitgesproken;
waarbij een minnelijk schuldregelingstraject op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) is toegelaten.
Hoofdstuk 1
Artikel 3
– Draagkracht uit inkomen
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Nederweert 2024