Naar hoofdinhoud
1 De opvangvoorziening bepaalt in hoeverre ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag in aanmerking komen voor subsidie en gebruikt daarvoor een ouderverklaring ‘geen recht op kinderopvangtoeslag’. 2 De opvangvoorziening levert per kwartaal de volgende gegevens aan: a het betreffende kwartaal waarover de gegevens ingediend worden; b de betreffende maanden waarover de gegevens ingediend worden; c naam van de locatie; d identificatiecode van de locatie in het Landelijk Register Kinderopvang; e dat de locatie een erkende VE locatie is in het LRK; f aantal gesubsidieerde uren dat alle peuters in de betreffende maanden zijn geplaatst, uitgesplitst naar de vier categorieën genoemd in artikel 8.1. Dit betreft de contracturen/geplaatste uren. 3 De gemeente kan indien gewenst meer gegevens opvragen om de rechtmatigheid van de verstrekte subsidie te staven. 4 De opvangvoorziening: a toetst aan de hand van de ouderverklaring ‘geen recht op kinderopvangtoeslag’, in combinatie met een inkomensverklaring van de ouder(s), of een peuter in aanmerking komt voor een gesubsidieerde plek. Als dit om aantoonbare reden niet mogelijk is, kan er ander bewijs van inkomen worden opgevraagd. Dit kan zijn: salarisstrook, uitkeringsspecificatie, werkgeversverklaring, verklaring van schuldsanering etc.; b houdt een administratie bij van de documenten aan de hand waarvan de toetsing recht op een gesubsidieerde plek is gedaan en van bevindingen van deze toetsing. De opvangvoorziening bewaart deze gegevens nog 3 jaar (na afloop van het subsidiejaar) en stelt deze gegevens beschikbaar aan de gemeente als de gemeente hierop een controle wil uitvoeren. c is niet verantwoordelijk voor de juistheid van de door ouders geleverde gegevens.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel