**1..** Het college kan bijzondere bijstand verlenen voor de woonkosten van een huurwoning, voor zover de belanghebbende geen aanspraak kan maken op huurtoeslag op grond van de Wet op de huurtoeslag en de huur niet hoger is dan de maximale huurgrens in de Wet op de huurtoeslag.
**2..** Bij bewoning van een recreatiewoning wordt geen woonkostentoeslag verleend, tenzij er sprake is van een ontheffing voor bewoning.
**3..** De hoogte van de woonkostentoeslag als bedoeld in het eerste lid wordt bepaald door de maximale woonkostentoeslag, berekend conform de systematiek van de Wet op de huurtoeslag.
**4..** In afwijking van de vorige leden kan het college, indien de woonkosten hoger zijn dan de maximum huurgrens in de Wet op de huurtoeslag, op grond van individuele omstandigheden een (aanvullende) woonkostentoeslag verlenen, waarbij de hoogte hiervan wordt bepaald op de woonkosten minus de eigen bijdrage die verschuldigd zou zijn bij een huur gelijk aan de maximum huurgrens.
**5..** De woonkostentoeslag als bedoeld in het derde en vierde lid wordt toegekend voor maximaal 1 jaar en de belanghebbende wordt de verplichting opgelegd om te zoeken naar goedkopere huisvesting waarvoor wel recht bestaat op huurtoeslag. Verlening van deze termijn met maximaal 1 jaar is mogelijk als door belanghebbende aantoonbaar is gezocht naar andere woonruimte
Hoofdstuk 4
Artikel 4.4
Berekening woonkostentoeslag huurders
Onderdeel van Beleidsregel bijzondere bijstand gemeente Oirschot 2024