Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Beleidsregels Wmo gemeente Smallingerland 2024

Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de Verordening Wmo 2024 gemeente Smallingerland. In deze beleidsregels wordt verstaan onder: beperking: een stoornis of conditie – cognitief, fysiek, psychisch en/of sociaal-emotioneel – die het dagelijks functioneren belemmert; doelgroepgebouw: Een woongebouw dat specifiek is ontworpen en bestemd voor ouderen of mensen met een lichamelijke beperking, of waarin in de praktijk voornamelijk deze groepen mensen wonen; formele ondersteuning: ondersteuning die wordt geboden door een professional, die alleen een zakelijke relatie met de cliënt heeft en niet zijnde een persoon uit het sociaal netwerk van de cliënt; gesprek: gesprek in het kader van het onderzoek naar de melding van de hulpvraag van de cliënt; hoofdverblijf: adres waar de cliënt volgens de Basis Registratie Personen (BPR) als inwoner geregistreerd staat dan wel de plaats waar de cliënt overwegend feitelijk verblijft; informele ondersteuning: ondersteuning die wordt geboden door een persoon die geen formele ondersteuning biedt, zoals een persoon uit het sociaal netwerk van de cliënt ongeacht of deze beroepskracht is; jeugdige: een persoon jonger dan 18 jaar; leefeenheid: alle personen die hun hoofdverblijf op hetzelfde BRP adres hebben én samen een huishouding voeren; ouder: gezaghebbende ouder, adoptiefouder, stiefouder of een ander die een jeugdige als behorend tot zijn gezin verzorgt en opvoedt; trekkingsrecht: vorm waarin het Pgb beschikbaar wordt gesteld. Pgb-houders krijgen de budgetten niet op hun eigen bankrekening gestort. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) beheert de budgetten; uitraaskamer: een verblijfsruimte waarin een persoon die ten gevolge van een beperking in de vorm van een gedragsstoornis ernstig ontremd gedrag vertoont, zich kan afzonderen of tot rust kan komen; verordening: de verordening Wmo van de gemeente Smallingerland; verstrekkingsvorm: vorm waarin de ondersteuning wordt bekostigd, dat wil zeggen in de vorm van zorg in natura of een persoonsgebonden budget; vrijwilliger: een persoon buiten het sociaal netwerk van de cliënt, die vrijwillig en onbetaald ondersteuning biedt. Dit kan zowel op eigen initiatief als vanuit een organisatie, zoals een vrijwilligersorganisatie, een buurtvereniging of een kerk; vrijwilligerswerk: onbetaalde inzet voor anderen, een groep of de samenleving in de vorm van het bieden van ondersteuning of het uitvoeren van activiteiten; zelfredzaamheid: zoals in de wet vastgelegd (artikel 1.1.1): in staat zijn tot het uitvoeren van de noodzakelijke algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL) en het voeren van een gestructureerd huishouden. De noodzakelijke ADL in het kader van zelfredzaamheid betreffen: in en uit bed komen, aan- en uitkleden, bewegen, lopen, gaan zitten en weer opstaan, lichamelijke hygiëne, toiletbezoek, eten/drinken, medicijnen innemen, ontspanning en sociaal contact; zorg in natura (ZIN): een verstrekking van een voorziening via een door de gemeente gecontracteerde zorgaanbieder en leverancier.

Rechtspraak bij dit artikel