Naar hoofdinhoud

Artikel 11

Bijzondere verplichtingen betreffende de houder

Onderdeel van Subsidieregeling peuteropvang en VE gemeente Kampen

Na de subsidieverlening dient de houder te voldoen aan de navolgende verplichtingen: houder werkt mee aan de uitvoering van het gemeentelijk beleid met betrekking tot de ontwikkeling van jonge kinderen; houder verleent doelgroeppeuters voorrang bij de plaatsing van peuters; houder geeft peuters die woonachtig zijn in de gemeente Kampen voorrang bij plaatsing; houder heeft een inspanningsverplichting om doelgroeppeuters vanaf 2,5 jaar tenminste gemiddeld 640 uur per jaar gebruik te laten maken van de peuteropvang; houder hanteert voor de ouderbijdrage de VNG adviestabel ouderbijdragen peuteropvang, zoals deze elk jaar wordt gepubliceerd (vng.nl); houder int zelf de ouderbijdragen en is verantwoordelijk voor het risico van niet-betalers; voor het bepalen van de hoogte van het inkomen worden de Inkomensverklaringen van beide ouders of bij een eenoudergezin van de betreffende ouder gebruikt of een kopie van de definitieve aanslag van de inkomstenbelasting van het meest recent beschikbare belastingjaar. Bij sterke afwijking van het inkomen of wanneer ouders geen Inkomensverklaringen kunnen overleggen, kan gebruik worden gemaakt van aanvullende documenten zoals een salarisstrook, uitkeringsspecificatie, werkgeversverklaring, verklaring van schuldsanering etc. Uit de documenten dient te blijken dat de inkomenswijziging structureel is, en in ieder geval geldt voor de maand voorafgaand aan plaatsing; houder verschaft op verzoek informatie aan de gemeente, de Inspectie van het Onderwijs, het Rijk of aan andere door het college aangewezen instanties; onverminderd de bepalingen in de Asv beschikt de houder over onderliggende gegevens en kan deze indien gewenst, binnen een redelijke termijn beschikbaar stellen aan het college. Het gaat daarbij onder meer om: een door de ouders ondertekend contract met daarin de namen, adres(sen) en BSN van ouders; naam, geboortedatum en BSN van de kinderen waarop de subsidie betrekking heeft; het aantal uren opvang per kind per week, het tarief per uur, de aanvangsdatum en de (verwachte) einddatum van de opvang; een ‘Verklaring geen recht op Kinderopvangtoeslag’; inkomensgegevens van ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag; indien het gaat om een VE-peuterplaats: een bewijs van indicatiestelling voor VE van het consultatiebureau van de Jeugdgezondheidszorg.

Rechtspraak bij dit artikel