Burgemeester en wethouders kunnen het leerlingenvervoer als agendapunt in het OOGO met het samenwerkingsverband opnemen.
Burgemeester en wethouders spannen zich in om in het OOGO met het samenwerkingsverband afspraken te maken over:
de spreiding van het onderwijsaanbod binnen het samenwerkingsverband en de vervoersmogelijkheden die hieruit voortvloeien;
de deskundige die burgemeester en wethouders adviseert over de vervoersmogelijkheden van een leerling en het proces dat hierbij gevolgd wordt. De deskundige betrekt in zijn advies de zelfstandigheid en zelfredzaamheid van de leerling als bedoeld in artikel 4;
de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de verwijzing van de leerling naar de voor hem best passende school met dien verstande, dat slechts een vervoersvoorziening door burgemeester en wethouders wordt verstrekt naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school;
de wijze waarop scholen ondersteund kunnen worden in hun informatievoorziening over het leerlingenvervoer aan ouders;
de wijze waarop vorm wordt gegeven aan een gezamenlijke verantwoordelijkheid om de vervoerskosten te beheersen;
Paragraaf 2
Artikel 5
OOGO met het samenwerkingsverband
Onderdeel van Verordening bekostiging leerlingenvervoer 2024