Het plaatsen en hebben van grafkelders en gedenktekens kan slechts geschieden met schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders aan de rechthebbende van het grafrecht. Hierbij kunnen burgemeester en wethouders afwijken van de bepalingen in artikel 10 en 11 van deze verordening.
De aanvraag van een vergunning geschiedt bij burgemeester en wethouders onder over-legging van een tekening (schaal 1 : 20) van plattegrond en opstanden, voorzien van ingeschreven maten en met opgaaf van te gebruiken materialen. Indien gekozen wordt voor één der door burgemeester en wethouders vastgestelde standaard-modellen, kan worden volstaan met het opgeven van het betreffende nummer.
Van de voorgenomen plaatsing van een gedenkteken moet tenminste 48 uren van te voren kennis worden gegeven aan de beheerder.
Ingeval het grafrecht wordt overgeschreven gaat de vergunning over op de nieuwe rechthebbende. Ingeval van het doen van afstand of vervallenverklaring van het grafrecht vervalt de vergunning van rechtswege.
Artikel 9
Vergunning grafkelders en gedenktekens
Onderdeel van Verordening op het beheer en het gebruik van de algemene begraafplaatsen