Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf 2.2

Artikel 4.

Beoordeling van de voorwaarden

Onderdeel van Nadere regels Sociaal Domein gemeente Woudenberg

pgb-vaardigheid Bij het beoordelen of de jeugdige en/of diens ouder(s) dan wel vertegenwoordiger(s) in staat is te achten de aan een pgb verbonden taken op een verantwoorde wijze uit te oefenen zijn in ieder geval de volgende aspecten van belang: de resultaten van een volledig doorlopen pgb-zelftest, opgesteld door Per Saldo en bij het Sociaal Team van Coöperatie De Kleine Schans verkrijgbaar; de jeugdige en/of zijn ouder(s) dan wel zijn vertegenwoordiger voldoen aan de 10 punten van pgb-vaardigheid: kunnen overzien van de situatie en een duidelijk beeld van de zorgvraag hebben; op de hoogte zijn van de regels en verplichtingen die horen bij het pgb of weten waar die zelf bij de desbetreffende instanties (online) te vinden; in staat om een overzichtelijke pgbadministratie bij te houden; kan voldoende communiceren met de gemeente, de SVB en zorgverleners; in staat om zelfstandig te handelen en onafhankelijk voor een zorgverlener te kiezen; in staat om afspraken te maken en vast te leggen, en om dit te verantwoorden; kunnen beoordelen en beargumenteren of de geleverde zorg passend en kwalitatief goed is; de inzet van zorgverleners kunnen coördineren, waardoor de zorg door kan gaan, ook bij verlof en ziekte; in staat om als werk- of opdrachtgever de zorgverleners aan te sturen en aan te spreken op hun functioneren; voldoende (juridische) kennis over het werk- of opdrachtgeverschap, of weet deze kennis te vinden. In de volgende situaties is er sprake van een ernstig vermoeden dat de jeugdige en/of zijn ouder(s) problemen zal krijgen met het uitvoeren van de taken die horen bij een pgb: er is sprake van schuldenproblematiek; er is sprake van een gok- of drugsverslaving; er is sprake van sterke vergeetachtigheid. Er is geen limitatieve oplossing beoogd. Kwaliteit & veiligheid Bij het beoordelen van de kwaliteit van de met een pgb in te kopen jeugdhulp houdt het college in ieder geval rekening met de hierna volgende aspecten met het oog op de te bieden kwaliteit van de jeugdhulp en de veiligheid van de jeugdige. Professionele hulpverlener De jeugdhulp sluit aan bij de beperkingen en/of problemen die de jeugdige en/of zijn ouder(s) ondervindt. De jeugdhulp sluit aan op het onderzoeksverslag. De hulpverlener die (al dan niet werkzaam via een professionele instelling) de geïndiceerde jeugdhulp biedt, beschikt over een relevante opleiding. Bij het ontbreken daarvan dient - op een voor het college verifieerbare wijze - te worden aangetoond dat deze hulpverlener over relevante werkervaring beschikt. Denk bijvoorbeeld aan referenties die kunnen worden gecontroleerd. Afhankelijk van de aard van de jeugdhulp en de beperkingen en kwetsbaarheid van de jeugdige en/of zijn ouder(s) dient degene die de via een pgb te leveren jeugdhulp biedt te beschikken over een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) die in ieder geval niet ouder is dan 12 maanden voorafgaand aan de aanvang van de hulpverlening. Nu er bij jeugdigen eigenlijk vrij snel sprake zal zijn van kwetsbaarheid, zal de voorwaarde van het beschikken over een VOG in het algemeen redelijk zijn met het oog op de waarborg van kwaliteit. Daarbij wordt opgemerkt dat dit een vereiste is bij jeugdhulpaanbieders (natura). Dubbelrol vertegenwoordiger Om belangenverstrengeling te voorkomen is het niet wenselijk dat degene die de jeugdige en/of zijn ouder(s) vertegenwoordigt bij het uitoefenen van de aan een pgb verbonden taken, ook degene is die de jeugdhulp verleent. Het college kan om die reden besluiten om in dat geval geen pgb te verstrekken (zie daarover ECLI:NL:CRVB:2019:3761). Als sprake is van jeugdhulp door een persoon uit het sociaal netwerk en die persoon is ook de vertegenwoordiger van de jeugdige en/of zijn ouder(s) bij het uitoefenen van de aan een pgb verbonden taken, zal nadrukkelijk worden onderzocht of geen sprake is van belangenverstrengeling. Het pgb is immers geen inkomensondersteuning maar is er op gericht de jeugdige in staat te stellen gezond en veilig op te groeien, te groeien naar zelfstandigheid en voldoende zelfredzaam te zijn en maatschappelijk te participeren, rekening houdend met zijn leeftijd en ontwikkelingsniveau (zie daarover ECLI:NL:RBNNE:2016:2911). Ondersteuning door personen die behoren tot het sociaal netwerk De jeugdige en/of zijn ouder(s) dient allereerst zijn keus om met het pgb iemand uit het sociale netwerk in te schakelen te motiveren. De persoon uit het sociale netwerk mag daarbij op geen enkele wijze druk op de jeugdige en/of zijn ouder(s) hebben uitgeoefend. Het belang van de jeugdige en/of zijn ouder(s) die met een pgb eigen regie wil behouden staat altijd voorop. Verder zal moeten worden beoordeeld of de persoon uit het sociaal netwerk in staat is om de geïndiceerde jeugdhulp te bieden. Onderdeel van die beoordeling is of de kwaliteit van de geboden jeugdhulp voldoende is gewaarborgd en zo ja, waaruit dat blijkt. Personen behorend tot het sociaal netwerk van de jeugdige en/of zijn ouder(s) worden niet als professionele hulpverlener aangemerkt. Twijfels over integriteit ondersteuner Het college verstrekt geen pgb als er twijfels zijn over integriteit van de uitvoerder van de jeugdhulp. Dit doet zich in elk geval voor als die uitvoerder: fraude heeft gepleegd; betrokken is geweest bij strafbare feiten of overtredingen heeft begaan die de veiligheid en de kwaliteit van de maatwerkvoorziening in gevaar brengt; bestuursrechtelijke en/of fiscaalrechtelijke boetes opgelegd heeft gekregen; bestuursrechtelijke handhavingsmaatregelen opgelegd heeft gekregen in de vorm van een last onder bestuursdwang en/of dwangsom; en/of zijn directie en/of de aan hen gelieerde vennootschappen een zakelijk samenwerkingsverband onderhouden met derden die in relatie staan tot strafbare feiten of daarvan verdacht worden; zich niet professioneel gedraagt. Dit is bijvoorbeeld zo als de pgb-aanbieder zich intimiderend opstelt, geen voorbeeldfunctie toont of incidenten hebben plaatsgevonden binnen de uitvoering van zijn functie. Behandeling Jeugdhulp kan ook bestaan uit psychiatrische en psychologische behandeling. Het college stelt zich op het standpunt dat deze jeugdhulp niet door personen die behoren tot het sociaal netwerk kan worden geboden. In meeste gevallen zal het zo zijn dat niet aan de vereisten zal zijn voldaan, waaronder opleiding en registratie. Mocht dit wel het geval zijn, dan stelt het college zich op het standpunt dat er niet voldoende ‘professionele’ afstand is in de relatie tussen de jeugdige en degene die de jeugdhulp via een pgb verleent.

Rechtspraak bij dit artikel