Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Drempelbedrag

Onderdeel van Beleidsregels leerlingenvervoer 2024

Er wordt van ouders/verzorgers een drempelbedrag verlangd wanneer hun belastbaar verzamelinkomen over het peiljaar meer bedraagt dan de, door de VNG jaarlijks geïndexeerde, inkomensgrens. Voor het schooljaar 2024-2025 bedraagt de inkomensgrens € 29.700,00 (peiljaar 2022). De bijdrage is van toepassing bij bezoek aan een school voor basisonderwijs of een school voor speciaal basisonderwijs per leerling en is gebaseerd op de kosten van het openbaar vervoer. Hierbij zijn de kosten van het openbaar vervoer het gereduceerd tarief dat geldt voor personen van 4 t/m 11 jaar voor het reizen per ov-chipkaart twee keer per dag per bus gedurende 200 schooldagen over de drempelafstand van 6 kilometer. Dankzij steun vanuit het Rijk blijft dit ongewijzigd. Voor het schooljaar 2024-2025 betekent dit een bedrag van € 596,00 en is als volgt berekend: € 1,08 (landelijk basistarief) + (6 (drempelafstand van 6 kilometer) x € 0,196 (kilometertarief ov-chipkaart) = € 2,256. Jaarkosten: € 2,256 x 2 (ritten per dag) x 200 (aantal schooldagen per jaar) = € 902,40. Rekening houdend met kortingstarief van 4 t/m 11 jarigen van 34% wordt het drempelbedrag € 595,58 en afgerond € 596,00. Voor het basisonderwijs en speciaal basisonderwijs geldt het drempelbedrag voor maximaal één kind per gezin. De genoemde drempelbedragen zijn op jaarbasis. Indien ouders/verzorgers aangeven dat hun belastbaar gezinsinkomen in het peiljaar hoger ligt dan de inkomensgrens zijn zij niet verplicht een kopie van het definitieve aanslagbiljet inkomstenbelasting of een inkomensverklaring (voorheen IB 60 verklaring) aan ons over te leggen. Indien ouders/verzorgers aangeven dat hun belastbaar gezinsinkomen in het peiljaar lager ligt dan de inkomensgrens zijn zij verplicht een kopie van één van bovengenoemde documenten aan ons over te leggen.

Rechtspraak bij dit artikel