Naar hoofdinhoud
1.. De toezichthouder kwaliteit legt zijn oordeel naar aanleiding van een onderzoek vast in een inspectierapport. 2.. Een inspectierapport bevat: de naam, het adres, de postcode van de zorgaanbieder en/of de plaats van de onderzochte vestiging en indien de houder juridisch op een ander adres dan deze vestiging gevestigd is ook de naam, het adres, de postcode en de plaats van die andere vestiging van de houder; de soort voorziening die is onderzocht; de vermelding dat namens het college toezicht is uitgeoefend; de naam van de toezichthouder die het onderzoek heeft uitgevoerd; de aanleiding voor het onderzoek; de datum van het onderzoek; de wijze waarop het onderzoek is uitgevoerd; de resultaten van het onderzoek en een advies aan het college. 3.. De toezichthouder kan besluiten overleg en overreding toe te passen bij de zorgaanbieder. 4.. De toezichthouder kan besluiten de zorgaanbieder een herstelaanbod te geven. 5.. Indien de toezichthouder tot het oordeel komt, dat de kwaliteitseisen zoals bepaald bij of krachtens de Wmo 2015 niet zijn of niet zullen worden nageleefd, geeft hij in het inspectierapport aan waarom hiervan sprake is. 6.. Alvorens het inspectierapport vast te stellen, stelt de toezichthouder de zorgaanbieder in de gelegenheid om van het conceptrapport kennis te nemen en daarover zijn zienswijze kenbaar te maken. De toezichthouder vermeldt de zienswijze van de instelling in een bijlage bij het rapport. 7.. De toezichthouder zendt het definitieve inspectierapport onverwijld aan de zorgaanbieder en het college.

Rechtspraak bij dit artikel