Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.2.3

Gemeentelijke wet- en regelgeving

Onderdeel van Uitvoeringsbeleid evenementen Eersel 2024

Toekomstvisie 2030 Eersel is een toeristische gemeente. Kansen op het gebied van vrijetijdseconomie moeten aangegrepen worden. Binnen de Toekomstvisie wordt veel waarde gehecht aan een grote sociale cohesie. De gemeente ondersteunt evenementenorganisaties bij het organiseren van activiteiten in de dorpen. Daarnaast is duurzaamheid een speerpunt uit de Toekomstvisie. De gemeente stimuleert, ondersteunt en adviseert evenementenorganisaties bij het duurzaam organiseren van activiteiten in de dorpen. Ruimtelijke ordening Het organiseren van een evenement heeft altijd een relatie met ruimtelijke ordening, en wel in het bijzonder met het omgevingsplan. In het omgevingsplan is bepaald of de grond of een pand gebruikt mag worden voor evenementen. Het omgevingsplan voorziet in de volgende evenementenlocaties: E3-strand aan Buivensedreef 10 in Eersel; Mortelveld in Eersel; Gildeterrein aan Postelseweg in Eersel; Pleinen en markten in alle kernen; Gronden met de bestemming “Groen” (uitsluitend met de aanduiding plein); Gronden met de bestemming “Verkeer”. Als in het omgevingsplan evenementenlocaties worden toegevoegd geldt daarvoor hetzelfde als voor bovenstaande locaties. Als een evenement niet op één van deze locaties wordt gehouden is er sprake van strijdigheid met het omgevingsplan, omdat het omgevingsplan dan niet voorziet in het houden van evenementen op de betreffende locatie. Een vergunningsvrij evenement of een aanvraag voor een evenementenvergunning worden echter niet getoetst aan het omgevingsplan. Dit omdat strijd met het omgevingsplan geen weigeringsgrond is in de zin van de APV (Voorzieningenrechter van Rechtbank 06-09-2001, ECLI:NL:RBLEE:2001:AD3917). De evenementenvergunning zal in dit geval dan toch verleend worden, maar het evenement kan geen doorgang vinden vanwege strijd met het omgevingsplan, tenzij er geen sprake is van planologische relevantie of een omgevingsvergunning wordt verleend. Om bij evenementen buiten de vastgestelde evenementenlocaties te beoordelen of sprake is van strijdigheid met het omgevingsplan, moet per evenement beoordeeld worden of sprake is van planologische relevantie. Is sprake van planologische relevantie, dan moet voor het evenement een omgevingsvergunning worden verleend voor het afwijken van het omgevingsplan. De planologische relevantie met betrekking tot het houden van terugkerende, meerdaagse evenementen wordt bepaald door de omvang, de duur en de uitstraling van het evenement. Dit heeft de Afdeling bestuursrechtspraak geoordeeld (ABRS 13-04-2005, ECLI:NL:RVS:2005:AT3708 / 200405311/1, Schuttersfeest Diepenheim, Hof van Twente en ABRS 23-05-2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW6361. Zie ook: Rechtbank Leeuwarden 27-07-2005, ECLI:NL:RBLEE:2005:AU0442, Veenhoopfestival Smallingerland). De gemeente wijst organisaties erop als een omgevingsvergunning aangevraagd moet worden. Evenementen die eenmalig plaatsvinden of in elk geval niet regelmatig worden herhaald en/of evenementen met een kleinschalige omvang, korte duur en weinig uitstraling, hebben geen of slechts geringe planologische relevantie. Gedacht kan dan worden aan buurtfeesten en een garageverkoop. Deze evenementen kunnen gewoon plaatsvinden, daarvoor is geen planologische regeling (omgevingsvergunning) vereist. Voor deze evenementen is wel, als het niet vergunningsvrij is, een evenementenvergunning vereist op grond van de APV en eventuele andere toestemmingen of ontheffingen voor muziek/geluidhinder, brandveiligheid enzovoort. Als op een niet voor evenementen bestemd terrein meerdere, al dan niet jaarlijks terugkerende, verschillende evenementen per jaar worden georganiseerd kan er sprake zijn van planologische relevantie. Het omgevingsplan kan hierin voorzien, al dan niet met een omgevingsvergunning, of er kan van het omgevingsplan. Preventie- en handhavingsplan In het Preventie- en handhavingsplan is opgenomen hoe de gemeente omgaat met de 2 algemene hoofddoelstellingen daarvan en welke resultaten behaald moeten worden. De hoofddoelstellingen zijn: Afname (overmatig) alcoholgebruik en de schadelijke gevolgen van alcoholgebruik bij jongeren onder de 18 jaar. Afname dronkenschap (met name tijdens uitgaansavonden) in het publieke domein. In het Preventie- en handhavingsplan is het Alcohol- en Horecasanctieplan opgenomen. In dit sanctieplan zijn zowel bestuursrechtelijke als strafrechtelijke middelen beschreven. Naleven van de Alcoholwet, de horeca-exploitatievergunning (artikel 2:28 APV) en het optreden bij geluidhinder, brandveiligheid, het overschrijden van sluitingstijden en het verstoren van de openbare orde worden in het stappenplan beschreven. Doel van het Alcohol- en Horecasanctieplan is enerzijds een leidraad te bieden voor functionarissen die betrokken zijn bij de handhaving van de wet- en regelgeving omtrent alcoholgebruik, evenementen en horeca. Anderzijds biedt het Alcohol- en Horecasanctieplan ook voor derdebelanghebbenden meer inzicht in het bestuurlijk- en strafrechtelijk optreden. Uitvoeringsbeleid Kwaliteit VTH Omgevingsrecht Het vastgestelde Uitvoeringsbeleid Kwaliteit Vergunningen, Toezicht en Handhaving Omgevingsrecht is van toepassing op evenementen. In dit beleid zijn de uitgangspunten opgenomen over kwaliteit, verantwoordelijkheden, risico’s en de organisatie. Winkeltijdenverordening Evenementen kunnen gekoppeld zijn aan winkelactiviteiten. In de Winkeltijdenverordening zijn regelingen opgenomen voor het geopend hebben van winkels op zon- en feestdagen en op werkdagen tussen 22.00 uur en 06.00 uur.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel