**1..** De jaarrekening van de MGR bestaat uit een algemeen deel, de geconsolideerde jaarrekening en de deelexploitaties van de modules.
**2..** Het dagelijks bestuur biedt de rekening over het afgelopen jaar en het jaarverslag, daarbij gevoegd de accountantsverklaring, bedoeld in artikel 213, derde lid van de Gemeentewet en het verslag van bevindingen, bedoeld in artikel 213, vierde lid van de Gemeentewet, jaarlijks vóór 15 april ter vaststelling aan het algemeen bestuur aan onder gelijktijdige toezending aan de raden van de deelnemende gemeenten. Met Gemeentewet wordt bedoeld de Gemeentewet, geldend vanaf de inwerkingtreding van de Wet dualisering gemeentebestuur.
**3..** De raden van de gemeenten kunnen binnen acht weken na toezending bij het dagelijks bestuur hun zienswijze over de rekening naar voren brengen. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de jaarrekening, zoals deze bij het algemeen bestuur wordt aangeboden.
**4..** Het algemeen bestuur stelt de rekening vast vóór 15 juli volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft.
**5..** Zij wordt binnen twee weken, doch in ieder geval vóór 15 juli, met alle bijbehorende stukken en het jaarverslag aan Gedeputeerde Staten aangeboden.
**6..** Vaststelling van de rekening strekt het dagelijks bestuur tot décharge, behoudens later in rechte gebleken valsheid in geschrifte of andere onregelmatigheden.
**7..** In de geconsolideerde jaarrekening wordt als bijlage de deelexploitaties van de modules opgenomen. Per deelexploitatie wordt het door elk van de deelnemende gemeenten over het desbetreffende jaar werkelijk verschuldigde bedrag opgenomen.
**8..** De kosten die resteren na afrekening per module op basis van de dienstverleningsovereenkomsten worden na aftrek van de inkomsten verdeeld naar de gemeenten, voor 50% van de kosten op basis van het aantal klanten indien van toepassing en 50% van de kosten op basis van het aantal inwoners. Indien toerekening van kosten aan klanten niet mogelijk is vindt de kostenverdeling plaats op basis van aantal inwoners.
**9..** Verrekening van het verschil tussen het op grond van artikel 30 van deze regeling bepaalde en het werkelijk verschuldigde, vindt plaats terstond na de mededeling van de vaststelling van de rekening.