Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.3

Voorrang bij maatschappelijke binding

Onderdeel van Ontwerp: Huisvestingsverordening gemeente Rucphen 2024-2028

Woningzoekenden of kopers die maatschappelijk gebonden zijn aan de gemeente krijgen voorrang in toewijzing ten opzichte van woningzoekenden of kopers zonder maatschappelijke binding. De woningcorporatie kan maximaal 50% van de jaarlijks vrijkomende sociale huurwoningen met voorrang toewijzen aan woningzoekenden met maatschappelijke binding. Verkopers kunnen maximaal 50% van het aanbod van de in artikel 1.2, b aangewezen woonruimten met voorrang toewijzen aan kopers met maatschappelijke binding. Over de verkoopprocedure kunnen aanvullende afspraken gemaakt worden in de anterieure overeenkomst. De woningcorporatie of verkoper biedt woonruimte voor woningzoekenden of kopers met maatschappelijke binding aan door publicatie op een openbaar toegankelijk (digitaal) medium met de mededeling dat een huishouden de woonruimte alleen voor bewoning in gebruik mag nemen indien er sprake is van maatschappelijke binding met de gemeente Rucphen. Woningzoekenden met maatschappelijke binding worden gedurende een periode van drie dagen in de gelegenheid gesteld om op de aangeboden woonruime te reageren. Indien toewijzing op basis van maatschappelijke binding in deze periode niet kon plaatsvinden, komen na het verstrijken van deze periode ook regulier woningzoekenden in aanmerking voor de woonruimte. Kopers met maatschappelijke binding worden gedurende een periode van vier weken in de gelegenheid gesteld om op de aangeboden woonruime te reageren. Indien toewijzing op basis van maatschappelijke binding in deze periode niet kon plaatsvinden, komen na het verstrijken van deze periode ook regulier woningzoekenden of kopers in aanmerking voor de woonruimte.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel