Voor de toepassing van deze beleidsregels wordt verstaan onder:
AOW leeftijd: de leeftijd als bedoeld in artikel 7a, eerste lid van de Algemene ouderdomswet;
belanghebbende: een natuurlijk persoon die in aanmerking wenst te komen voor bijzondere bijstand, minimaregelingen en/of de Amstelveenpas;
bescheiden vermogen: een vermogen van maximaal de in artikel 34, derde lid van de wet genoemde bedragen;
bijstandsnorm: de norm die van toepassing is als bedoeld in artikel 20, artikel 21 of artikel 22 van de wet. Op een alleenstaande ouder is de norm als bedoeld in artikel 20 tweede lid onder b en 21 onder b van de wet van toepassing, verminderd met 10%;
bijstandsuitkering: algemene uitkering op grond van de Participatiewet;
bijzondere bijstand: de bijstand als bedoeld in artikel 35 van de wet;
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amstelveen;
draagkracht: het gedeelte van het inkomen en/of vermogen dat de belanghebbende geacht wordt aan te wenden om in de kosten waarvoor bijzondere bijstand wordt aangevraagd te voorzien;
draagkrachtperiode: de periode waarover de draagkracht van de belanghebbende wordt vastgesteld;
(Gedeeltelijk) arbeidsongeschikt: De persoon met een WAO-, WIA-, Wajong- of WAZ-uitkering en die voor 35% of meer arbeidsongeschikt is;
minimuminkomen: het inkomen tot 130% van de op datum aanvraag geldende bijstandsnorm;
kinderen: de ten laste komende kinderen als bedoeld in artikel 4 lid 1 sub e van de Participatiewet;
overbruggingsuitkering: een eenmalige betaling op grond van de wet ten behoeve van levensonderhoud ter overbrugging naar de eerstvolgende (reguliere) betaling van de periodieke uitkering;
peildatum: is de aanvraagdatum, de dag dat de kosten zich voordoen of de datum waarop ambtshalve het recht wordt vastgesteld;
reserveringsruimte: mogelijkheid om te reserveren, 5% van de voor belanghebbende toepasselijke bijstandsnorm;
schoolgaand kind: een kind dat het basisonderwijs, het voortgezet onderwijs, het voortgezet speciaal onderwijs of het praktijkonderwijs volgt, of ingevolge zijn leerplicht na het behalen van een VMBO-diploma een andere vorm van onderwijs volgt.;
startkwalificatie: een erkend diploma, minimaal op MBO-2 of HAVO niveau;
studenten: de persoon die onderwijs volgt waarvoor hij op enig moment tijdens dat onderwijs in aanmerking kan komen voor studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000 of de persoon die een beroepsopleiding als bedoeld in artikel 7.2.2, eerste lid, onderdelen a tot en met e, van de Wet educatie en beroepsonderwijs in de beroepsbegeleidende leerweg volgt;
voorliggende voorziening: voorziening zoals bedoeld in artikel 15 van de wet;
VTLB: Vrij Te Laten Bedrag conform ReCoFa rekenmethode;
Wet: de Participatiewet;
Wmo 2015: Wet maatschappelijke ondersteuning;
WGS: Wet gemeentelijke schuldhulpverlening;
WSNP: Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen.