Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf III

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Treasurystatuut 2024

Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten: De gemeente mag leningen en/of garanties uitsluitend verstrekken uit hoofde van de “publieke taak”. Voor uitzettingen en garanties uit hoofde van de publieke taak van de gemeente worden in dit treasurystatuut enkele richtlijnen opgenomen. Van belang is dat de gemeenteraad bepaalt dat de betreffende uitzetting/garantie tot de “publieke taak” van de gemeente behoort. Hiertoe legt het college in een gemotiveerd voorstel uit waarom de lening en of garantie tot de publieke taak behoort. In dit kader is het bijvoorbeeld mogelijk dat uitzettingen/deelnemingen in de vorm van aandelen tot de publieke taak behoren; Overwegingen voor de gemeenteraad hierbij zijn: of de betreffende activiteiten direct of indirect van belang zijn voor (een substantieel deel van) de eigen inwoners en of de gemeente de geëigende overheidspartij is om deze activiteiten te steunen. Op die gebieden waar de gemeente geen beleidsvormende c.q. stimulerende taak voor haar ziet weggelegd, worden in beginsel geen garanties/leningen verstrekt; Pas als de raad van mening is dat het doel van de lening of garantie voldoende past in het (al) geformuleerde gemeentelijke beleid kan deze worden verstrekt. De mate waarin het doel van de lening of garantie past in het gemeentelijk beleid is mede af te lezen uit de wijze waarop de gemeente tot dan is omgegaan met de desbetreffende activiteiten, voorzieningen of organisaties. De gemeenteraad kan besluiten om het verstrekken van specifieke leningen in het kader van andere verordeningen of besluiten te mandateren aan het college, zoals bijvoorbeeld de verordening startersregeling Reimerwaal ; De gemeente kan middelen uitzetten uit hoofde van de treasuryfunctie als deze uitzettingen een prudent karakter hebben. Het prudente karakter van deze uitzettingen wordt gewaarborgd met de richtlijnen en limieten van dit treasurystatuut en de Wet Fido. Het rentepercentage voor uitzetting in de vorm van een lening wordt bepaald op basis van de dagkoers gepubliceerd via de BNG, lineair voor dezelfde looptijd plus een opslag van 0,5% voor alle uit de aanvraag voortvloeiende kosten zoals notariskosten, uren en overige administratieve kosten; Het gebruik van derivaten is niet toegestaan . Volgens artikel 2 lid 1 van de Wet Fido worden liquide middelen op het dagelijkse werkkapitaal na, bij de Nederlandse Staat aangehouden op een rekening-courant of in deposito. In afwijking van hetgeen in artikel 3 lid 5 genoemd is, mogen volgens artikel 2 lid 3 van de Wet Fido liquide middelen ook uitgezet worden in de vorm van kortlopende leningen bij andere openbare lichamen mits er geen verticale toezichtsrelatie bestaat. Valutarisico’s worden uitgesloten door uitsluitend leningen te verstrekken of te garanderen in euro’s.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel