Er wordt geen gebruik gemaakt van derivaten;
Uitzettingen van overtollige liquide middelen in het kader van de treasuryfunctie hebben een prudent karakter en zijn niet gericht op het genereren van inkomsten door het lopen van overmatig risico;
Overtollige liquide middelen boven het in artikel 7, lid 2 van de Regeling schatkistbankieren genoemde drempelbedrag worden aangehouden in ’s Rijks schatkist, bij openbare lichamen conform artikel 2, lid 3 van de wet FIDO of bij een uitzondering vallende onder artikel 7, lid1b of 1c van de Regeling Schatkistbankieren.
Hoofdstuk 3
Artikel 6
Uitzettingen uit hoofde van de treasuryfunctie
Onderdeel van Treasurystatuut 2024