Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Reikwijdte

Onderdeel van Bevoegdhedenregeling gemeente Asten 2024

1.. Bij de uitoefening van bevoegdheden als bedoeld in het bijbehorend register wordt in acht genomen wat daaromtrent wordt gesteld bij of krachtens wetten, besluiten, verordeningen, circulaires, beleidsregels, regelingen, aanwijzingen en richtlijnen, hoe ook genaamd van Europese, rijks-, provinciale en gemeentelijke wetgevers of andere bestuursorganen. 2.. Een ieder dient bij de uitoefening van de bevoegdheden, als bedoeld in het bijbehorend register, artikel 15 van het Organisatiebesluit in acht te nemen. 3.. Voor de uitoefening van de bevoegdheid als bedoeld in 1.2.1 in het bijbehorend register geldt dat daarvoor een toereikend bedrag moet zijn opgenomen in de begroting. De Budgethoudersregeling dient daarbij in acht te worden genomen. 4.. Voor de uitoefening van bevoegdheden die financiële consequenties hebben, die niet vallen onder 1.2.1 in het bijbehorend register, geldt voor de mandatering van de bevoegdheid het volgende, tenzij in het bijbehorend register anders is bepaald: bij een financiële consequentie van € 0,00 tot € 30.000,00 (incl. BTW) geldt er geen beperking; bij een financiële consequentie van € 30.000,00 tot € 100.000,00 (incl. BTW) geldt dat de teamleider goedkeuring moet verlenen; en bij een financiële consequentie vanaf € 100.000,00 (incl. BTW) geldt dat een MT-lid goedkeuring moet verlenen. 5.. Indien de inwerkingtreding van wetten en verordeningen niet leidt tot een verandering van de inhoud en reikwijdte van de in het register toegekende bevoegdheden, worden de bevoegdheden in het register tevens geacht te zijn toegekend op basis van de actuele wet- en regelgeving. 6.. Voor zover niet strijdig met de toepasselijke wetgeving blijft de oude bevoegdhedenregeling met bijbehorend register zoals deze gold vóór inwerkingtreding van deze bevoegdhedenregeling van toepassing voor de in mandaat te nemen besluiten met betrekking tot lopende dossiers waarvan de wettelijke grondslag in de nieuwe regeling niet meer is opgenomen. 7.. Voor zover het bijbehorende bevoegdhedenregister bevoegdheden mandateert geldt dat alleen van het mandaat gebruik mag worden gemaakt als één collega het besluit, als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, of in het geval van het doen van een aanvraag, als bedoeld in artikel 1:3, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, heeft meegelezen. Dit lid is niet van toepassing indien in het bijbehorende bevoegdhedenregister dit expliciet is bepaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel