4.3.5.1Kruispuntplateau
Aspect
Opmerkingen
Voorkeur
Ja.
Toepassing
Pas deze snelheidsremmende maatregel toe op kruispunten tussen erftoegangswegen (binnen de bebouwde kom).
Kenmerken
Zie verder CROW-publicatie.
Randvoorwaarden
Niet binnen 25 meter van de gevel van woningen in straten met regelmatig vrachtverkeer (meer dan alleen de vuilniswagen en verhuiswagen). De kleur van de verhoging moet afwijken van het trottoir. Wanneer dit om klimaatadaptieve redenen niet kan alleen een afwijkende kleur op de kruising toepassen met een waterpasserende drempel (ook wel kussen genoemd) voor de kruising de aansluitende wegen (bij een kruising 2 en bij een T-splitsing is 1 voldoende).
Bron: CROW/ASVV
4.3.5.2Drempel
Aspect
Opmerkingen
Voorkeur
Ja.
Toepassing
Pas deze snelheidsremmende maatregel toe op erftoegangswegen binnen de bebouwde kom indien de afstand tussen twee kruispuntplateaus te groot wordt (> 200 meter).
Randvoorwaarden
De kleur van de verhoging moet afwijken van het trottoir. De afstand tot een woning moet minimaal 25 meter zijn. Ook hier geldt dat wanneer dit niet kan om klimaatadaptieve redenen (drempel houdt afstromend hemelwater tegen) dat een waterpasserende drempel of maatregel wordt toegepast.
Bron: CROW/ASVV
4.3.5.3Versmalling
Aspect
Opmerkingen
Voorkeur
Nee, alleen indien de grondgesteldheid dat nodig maakt.
Toepassing
Erftoegangswegen (minimaal 3,50 meter breed bij de versmalling in verband met grote voertuigen). Bij voorkeur tweerichtingsverkeer met gelijkmatige verdeling over beide rijrichtingen.
Kenmerken
Horizontale snelheidsremmende voorzieningen moeten dag en nacht tijdig zichtbaar zijn.
Pas horizontale snelheidsremmende maatregelen niet toe als deze ten kosten gaan van de verkeersveiligheid of de doorstroming onevenredig belemmeren.
De maatvoering van obstakels moet zodanig zijn (rijcurven) dat landbouwverkeer en vrachtwagens er doorheen kunnen.
Fietsers moeten makkelijk langs obstakels kunnen (geen scherpe uitbuigingen).
Als fietsers een eigen rijloper hebben ter hoogte van de tweezijdige versmalling, dan minimaal 1,50 meter breed). De rijloper voor het autoverkeer dient minimaal 3,25 meter breed te zijn in verband met grote (landbouw-) voertuigen.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.3
Artikel 4.3.5
Snelheidsremmende maatregelen
Onderdeel van Handboek Openbare Ruimte 2024