Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.3

Artikel 4.3.5

Snelheidsremmende maatregelen

Onderdeel van Handboek Openbare Ruimte 2024

4.3.5.1Kruispuntplateau Aspect Opmerkingen Voorkeur Ja. Toepassing Pas deze snelheidsremmende maatregel toe op kruispunten tussen erftoegangswegen (binnen de bebouwde kom). Kenmerken Zie verder CROW-publicatie. Randvoorwaarden Niet binnen 25 meter van de gevel van woningen in straten met regelmatig vrachtverkeer (meer dan alleen de vuilniswagen en verhuiswagen). De kleur van de verhoging moet afwijken van het trottoir. Wanneer dit om klimaatadaptieve redenen niet kan alleen een afwijkende kleur op de kruising toepassen met een waterpasserende drempel (ook wel kussen genoemd) voor de kruising de aansluitende wegen (bij een kruising 2 en bij een T-splitsing is 1 voldoende). Bron: CROW/ASVV 4.3.5.2Drempel Aspect Opmerkingen Voorkeur Ja. Toepassing Pas deze snelheidsremmende maatregel toe op erftoegangswegen binnen de bebouwde kom indien de afstand tussen twee kruispuntplateaus te groot wordt (> 200 meter). Randvoorwaarden De kleur van de verhoging moet afwijken van het trottoir. De afstand tot een woning moet minimaal 25 meter zijn. Ook hier geldt dat wanneer dit niet kan om klimaatadaptieve redenen (drempel houdt afstromend hemelwater tegen) dat een waterpasserende drempel of maatregel wordt toegepast. Bron: CROW/ASVV 4.3.5.3Versmalling Aspect Opmerkingen Voorkeur Nee, alleen indien de grondgesteldheid dat nodig maakt. Toepassing Erftoegangswegen (minimaal 3,50 meter breed bij de versmalling in verband met grote voertuigen). Bij voorkeur tweerichtingsverkeer met gelijkmatige verdeling over beide rijrichtingen. Kenmerken Horizontale snelheidsremmende voorzieningen moeten dag en nacht tijdig zichtbaar zijn. Pas horizontale snelheidsremmende maatregelen niet toe als deze ten kosten gaan van de verkeersveiligheid of de doorstroming onevenredig belemmeren. De maatvoering van obstakels moet zodanig zijn (rijcurven) dat landbouwverkeer en vrachtwagens er doorheen kunnen. Fietsers moeten makkelijk langs obstakels kunnen (geen scherpe uitbuigingen). Als fietsers een eigen rijloper hebben ter hoogte van de tweezijdige versmalling, dan minimaal 1,50 meter breed). De rijloper voor het autoverkeer dient minimaal 3,25 meter breed te zijn in verband met grote (landbouw-) voertuigen.

Rechtspraak bij dit artikel