In deze regeling wordt verstaan onder:
ASVT: Algemene subsidieverordening gemeente Tilburg;
Awb: Algemene wet bestuursrecht;
Actieve beroepspraktijk: Er is sprake van een actieve beroepspraktijk wanneer werk van een maker voor het publiek getoond wordt of anderzijds voor het publiek beschikbaar wordt gemaakt. Ook moet de beroepspraktijk de primaire bron van inkomsten van de maker zijn.
Bestemmingsreserve : het deel van de reserve dat door het bestuur is afgezonderd omdat daaraan een beperktere bestedingsmogelijkheid is gegeven. Bestemmingsreserves die het karakter hebben van een vrije reserve worden als niet reëel beschouwd. Een voorbeeld hiervan is een bestemmingsreserve continuïteit of transitiekosten voor het geval de gemeente de subsidierelatie beëindigt terwijl daar geen aanleiding toe is.
College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg;
Continuïteitsproblemen: exploitatie met een tekort en/of met een zwakke vermogens- of liquiditeitspositie die het voortbestaan van de organisatie bedreigd. De vermogen- en liquiditeitspositie van een aanvrager worden getoetst aan de hand van de in deze regeling genoemde ratio’s;
IJkpunt: het jaar ten opzichte waarvan gestegen kosten of gedaalde baten inzichtelijk gemaakt moeten worden. In deze regeling is dat 2022;
Liquiditeit : daarbij wordt gekeken of de aanvrager in staat is korte schulden te voldoen. Daarbij wordt gebruik gemaakt van het kengetal current ratio (vlottende activa / vlottende passiva) die minimaal 1,2 dient te blijven. Verder is ten aanzien van reële bestemmingsreserves het uitgangspunt dat die zoveel mogelijk liquide beschikbaar blijven.
Organisatie of instelling: privaatrechtelijke rechtspersonen wiens doelstelling primair gericht is op het vervaardigen of tonen van kunst door professionele makers;
Onderbouwing van de gestegen lasten of gedaalde baten: Een cijfermatig overzicht met inhoudelijke toelichting van de gestegen lasten per kostenpost (zoals bijvoorbeeld personeelskosten of energiekosten);
Professionele maker: iemand die een kunstvakopleiding heeft afgerond of via zelfstudie een vergelijkbaar niveau heeft verkregen. En wie een actieve beroepspraktijk heeft.
Solvabiliteit: Eigen Vermogen / Totaal vermogen. Als minimaal benodigde solvabiliteit gaan we uit van 0,2.
Subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies zoals bedoeld in artikel 4:22 van de Awb;