Het college kan een tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten verstrekken aan:
de aanvrager;
of een persoon die op verzoek van de gemeente, ten behoeve van een aanvrager, de woonruimte bestemd voor permanente bewoning heeft ontruimd.
Een financiële tegemoetkoming voor verhuizing en/of inrichting wordt verstrekt als financiële ondersteuning en heeft uitsluitend betrekking op de kosten die direct voortvloeien uit de verhuizing. Hiertoe kunnen worden gerekend:
verhuistransport / verhuiswagen;
stoffering te weten; vitrage, (over)gordijnen, lamellen, luxaflex en ander zon -en blinderende voorzieningen, rails en andersoortige ophangmechanismen, het daarmee samenhangend maakloon en dergelijke;
vloerbedekking, parket, plavuizen, en daarmee samenhangend legloon;
(her)aansluitingskosten voor apparatuur waarvoor een monteur of aannemer noodzakelijk is;
behang, verf, schoonmaak en schilderwerk.
Uitsluitend wanneer een verhuizing naar een geschikte woning noodzakelijk is, kan een financiële tegemoetkoming voor verhuizing en stoffering als Wmo-voorziening worden toegekend.
Per huishouden/leefeenheid kan slechts eenmaal een tegemoetkoming voor verhuizing en/of stoffering worden verstrekt.
De gemeente zal in elke individuele situatie onderzoeken of:
de noodzaak voor de verhuizing voor de inwoner vermijdbaar en/of voorzienbaar is zodat de inwoner heeft kunnen reserveren voor verhuis- en stofferingskosten. Er wordt dan geen of een lagere tegemoetkoming voor verhuizing en/of stoffering verstrekt;
de noodzaak voor verhuizing het gevolg is van een eerdere verhuizing naar een voor de inwoner reeds ongeschikte woning of een woning waarvan destijds reeds te voorzien was dat deze binnen afzienbare tijd niet meer geschikt zou zijn (inadequate verhuizing in het verleden). Er wordt dan geen tegemoetkoming voor verhuizing en/of stoffering verstrekt;
de inwoner voor het eerst zelfstandig gaat wonen. Er wordt dan geen tegemoetkoming voor verhuizing en/of stoffering verstrekt;
de inwoner zelfstandig, met behulp van zijn netwerk of met inzet van onder andere Stichting Present en/of het buurtteam in staat is om zijn inboedel te verhuizen. Een financiële tegemoetkoming voor de verhuizing wordt dan niet verstrekt;
de inwoner in de afgelopen 7 jaar kosten heeft gemaakt voor stoffering in de oude woning. Indien dit niet het geval is, wordt stoffering in de nieuwe woning gelet op de afschrijvingsduur als algemeen gebruikelijke kosten beschouwd. Een financiële tegemoetkoming voor stoffering wordt dan niet verstrekt;
De inwoner dient een huur- of koopovereenkomst van de nieuw te betreden woning te overleggen voordat de uitbetaling kan plaatsvinden.
Het college dient vast te stellen dat deze nieuwe woning adequaat is voor de (toekomstige) beperkingen van de inwoner.
De maximale tegemoetkoming voor een verhuizing bedraagt € 1.500,--. De inwoner overlegt twee offertes voor de kosten voor een verhuizing, waarvan de goedkoopste tot het eerdergenoemde maximum wordt toegekend.
De maximale tegemoetkoming voor stoffering bedraagt € 2.000,--. De inwoner overlegt facturen/kassabonnen voor de gemaakte kosten aan verf, behang, vloerbekleding en raambekleding. Het bedrag is gebaseerd op de NIBUD prijzengids 2023-2024.
Het bedrag aan verhuiskostenvergoeding wordt betaald, indien de gemeente de nieuwe woning als adequaat heeft aangemerkt en de verhuizing binnen 12 maanden na verzending van de beschikking heeft plaatsgevonden.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 4
Artikel 2.14
Financiële tegemoetkoming voor verhuis- en inrichtingskosten
Onderdeel van Nadere regels Jeugdhulp en Maatschappelijke ondersteuning Gemeente Vlissingen 2024