Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4.

Artikel 16.

Regels voor pgb

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Delft 2024

1.. Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet. 2.. De cliënt aan wie een pgb wordt toegekend, zorgt ervoor dat de natuurlijke persoon, of rechtspersoon die namens deze de ondersteuning moet gaan bieden, voldoet aan de in artikel 21 opgenomen kwaliteitseisen. 3.. Een pgb voor ondersteuning door zelfstandige ondernemers dan wel andere juridische constructies die geacht kunnen worden niet of nauwelijks overheadkosten te maken, wordt alleen verstrekt indien: deze staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel; deze beschikt over een actuele verklaring omtrent gedrag; deze beschikt over een adequate opleiding; deze, voor zover dit voor de aard van de dienstverlening is vereist, beschikt over een voor de beroepsgroep relevante registratie; deze meewerkt aan een cliëntervaringsonderzoek of de daarvoor benodigde informatie verstrekt; deze de Nederlandse taal spreekt en schrijft; wordt voldaan aan de in artikel 21 lid 3 opgenomen kwaliteitseisen. 4.. Een pgb voor ondersteuning vanuit het sociale netwerk wordt alleen verstrekt indien: de ondersteuning de gebruikelijke hulp overstijgt; de ondersteuning structureel van een behoorlijke omvang is, de geboden ondersteuning passend, adequaat en veilig is; de persoon uit het sociale netwerk die de ondersteuning gaat verlenen, zich voldoende op de hoogte heeft gesteld van de verantwoordelijkheden die aan het bieden van de ondersteuning verbonden zijn; de persoon die behoort tot het sociale netwerk op geen enkele wijze druk op de cliënt heeft uitgeoefend bij de besluitvorming om over te gaan tot uitbetaling; er bij de persoon uit het sociale netwerk die de hulp gaat bieden geen sprake is van overbelasting of dreiging daarvan; de inzet van de persoon die behoort tot het sociale netwerk aantoonbaar van goede kwaliteit is en daarbij het belang van de cliënt centraal staat; de persoon uit het sociaal netwerk op basis van opleiding of ervaring in staat moet worden geacht de in de individuele situatie vereiste dienstverlening te realiseren; de persoon uit het sociaal netwerk beschikt over een actuele verklaring omtrent het gedrag, tenzij de persoon een bloed- of aanverwant in de eerste of tweede graad is; deze de Nederlandse taal beheerst in woord en geschrift in voldoende mate voor zover relevant voor de uitvoering van de onderhavige werkzaamheden en de contractuele verplichtingen; de persoon uit het sociale netwerk voldoet aan de in artikel 21 lid 4 opgenomen kwaliteitseisen. 5.. Onverminderd het bepaalde in artikel 2.3.6 leden 2 en 5 van de wet verstrekt het college geen pgb indien: de cliënt geen volledig ingevuld budgetplan heeft overlegd volgens het door het college vastgestelde model; de cliënt weigert het budgetplan desgevraagd met het college te bespreken of zonder geldige reden niet verschijnt op de afspraak om het budgetplan te bespreken; de cliënt geen vaste woon- of verblijfplaats heeft; de budgetbeheerder tegelijk de zorgverlener is, tenzij het gaat om een ouder van een zwaar gehandicapt kind; de cliënt de administratie van het pgb wil uitbesteden aan een bureau; er sprake is van ondersteuning in een spoedeisende situatie, zoals bedoeld in artikel 2.3.3 van de wet; het pgb bestemd is voor besteding in het buitenland, tenzij het college hier vooraf expliciet toestemming voor verleent; blijkt dat bij een eerder verstrekt pgb geen of onvoldoende voortgang is geboekt op de gestelde resultaten. 6.. Tussenpersonen of belangenbehartigers mogen niet uit het pgb worden betaald. 7.. Het is de cliënt niet toegestaan om met de dienstverlener een vast maandloon overeen te komen, dan wel een andersoortige afspraak te maken op basis waarvan uitbetaling door de Sociale Verzekeringsbank aan dienstverlener plaatsvindt zonder voorafgaande verplichting van cliënt tot overlegging aan de Sociale Verzekeringsbank van een door cliënt geaccordeerde factuur of specificatie van ingezette ondersteuning. 8.. Het recht op pgb voor beschermd wonen, beschermd thuis of beschermd thuis geclusterd vanuit de centrumgemeente Delft vervalt als de cliënt geen hoofdverblijf meer heeft in de gemeenten Delft, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp of Westland. Tenzij het voor het herstel van de cliënt noodzakelijk is buiten de regio te verblijven, zoals het safehouse. 9.. Het pgb beschermd wonen, beschermd thuis en beschermd thuis geclusterd wordt voor zorg en eventuele aanvullende modules toegekend. In geval van beschermd wonen voor thuiswonende cliënten kan afgeweken worden van het budget en wordt in overleg met cliënt en diens omgeving een passend budget vastgesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel