Naar hoofdinhoud

Artikel 13

Volgorde van invordering van de verhaalsplichtige

Onderdeel van Beleidsregels verhaal Participatiewet 2024 gemeente Steenbergen

1.. Het college vordert de vorderingen op volgorde van boete, fraudevordering, overige vorderingen en geldlening in zolang de belanghebbende geen verzoek heeft gedaan op grond van artikel 4:92, lid 2, van de Awb. Bij vorderingen van gelijke strekking geldt als uitgangspunt, dat de oudste vordering als eerste wordt afgelost. 2.. Van het gestelde in het vorige lid wordt afgeweken: bij beslaglegging door een derde schuldeiser wegens wettelijk preferente vordering, dan wordt eerst de (fraude)vordering ingevorderd; als brutering van de (fraude)vordering voorkomen kan worden door eerst de (fraude)vordering in te vorderen; als het restant van de (fraude)vordering(en) in minder dan 6 maandelijkse termijnen vanaf de datum van boeteoplegging zal zijn voldaan. 3.. Op de van een verhaalsplichtige ontvangen betalingen, is het bepaalde in artikel 4:92, eerste lid, van de Awb van toepassing. Dit houdt in dat deze op de navolgende wijze worden aangewend: 1e: in mindering gebracht op de (invoderings)kosten; 2e in mindering gebracht op de hoofdsom.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel