Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.12.

Groenvoorziening

Onderdeel van Nadere procedurele en uitvoeringsregels kabels en leidingen Gemeente Voorne aan Zee

1.. Aanleg van kabels en leidingen in groenvoorzieningen vindt plaats in overleg met het college. 2.. In die gevallen dat in afwijking op hetgeen bepaald in artikel 5.2 lid 4 besloten wordt dat de netbeheerder het herstel van groenvoorzieningen zal uitvoeren, gelden de volgende zaken: Voorafgaande aan werkzaamheden in groenvoorzieningen moet het aanwezige gewas door de netbeheerder worden gemaaid; Uitgenomen te handhaven groenvoorzieningen moeten ruim worden uitgestoken, gescheiden van de te ontgraven grond, worden beschermd tegen uitdroging middels bewatering en binnen 48 uur na het gereedkomen van de werkzaamheden worden teruggelegd en aangerold; Vrijkomende zoden worden afgevoerd door de netbeheerder; In bermen waar gras aanwezig is en waar het steken van regelmatige zoden niet mogelijk is, moet de sleufbedekking (graspollen e.d.) worden afgevoerd; Nadat de kabels en/of leidingen zijn gelegd en de sleuf tot op de juiste hoogte is aangevuld en verdicht, moet de berm, vrij van stenen en dergelijke, gefreesd en ingezaaid worden met een door de gemeente goedgekeurd grasmengsel; Aanvullingen in groenvoorzieningen op een diepte van minder dan 0,80 m mag na verdichting een sondeerwaarde hebben van maximaal 1,5 MPa. De laag met teelaarde dient niet te worden verdicht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel