Naar hoofdinhoud
1. Burgemeester en wethouders leggen het concept-ontwerpomgevingsplan, met de daarop betrekking hebbende stukken die redelijkerwijs nodig zijn voor een beoordeling van het concept-ontwerpomgevingsplan, ter inzage. 2. Voorafgaand aan de terinzagelegging als bedoeld onder lid 1, geven burgemeester en wethouders in één of meer dag-, nieuws- of huis-aan-huis-bladen of op een andere geschikte wijze kennis van het concept-ontwerpomgevingsplan. Volstaan kan worden met het vermelden van de zakelijke inhoud. 3. In de kennisgeving als bedoeld onder lid 2, wordt vermeld: a. waar en wanneer de stukken ter inzage liggen; b. wie in de gelegenheid wordt gesteld om te reageren op het concept-ontwerpomgevingsplan; en c. op welke wijze dit kan geschieden. 4. Eenieder kan bij burgemeester en wethouders schriftelijk reageren op het concept-ontwerpomgevingsplan. 5. De termijn voor het indienen van een reactie bedraagt 3 weken. De termijn vangt aan op de dag waarop het concept-ontwerpomgevingsplan ter inzage is gelegd. De artikelen 6:9 en 6:10 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing. 6. De resultaten van de procedure uit lid 1 tot en met 5 van dit artikel worden op grond van artikel 10.2 Omgevingsbesluit betrokken bij het vaststellen van het omgevingsplan. 7. Bij het wijzigen van het omgevingsplan op verzoek van een initiatiefnemer, wordt participatie toegepast op grond van artikel 2 lid 2 van dit aanwijzingsbesluit, alvorens de procedure uit de lid 1 tot en met 6 van dit artikel wordt doorlopen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel