Naar hoofdinhoud
Deze nadere regel verstaat onder: ervaringsdeskundigen: We onderscheiden drie vormen van ervaringsdeskundigen: ervaringswerkers: in de regel MBO of HBO opgeleide professionals die hun ervaring als specialisme inzetten; ervaringscoaches: mensen (w.o. vrijwilligers of stagiaires), die vanuit hun ervaring een functie vervullen tussen de professional en de cliënt; ervaringsvrijwilligers: mensen die vanuit hun eigen ervaring, activering stimuleren en de eigen veerkracht van cliënten ondersteunen; burgemeester en wethouders: burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht; intermediairs: volwassenen die direct met de doelgroep in contact staan, zowel vrijwilligers als professionals, inclusief ervaringsdeskundigen en sleutelpersonen; jeugd: jongeren tot 18 jaar en jongvolwassenen van 18 t/m 25 jaar; KOPP/KOV-kinderen: kinderen (4 t/m 18 jaar) van ouders met psychische problemen (KOPP) en kinderen van ouders met een verslavingsproblemen (KOV); middelengebruik: het gebruik van middelen, waarin stoffen zitten met een psychoactieve werking, dat wil zeggen een stof die de gemoedstoestand verandert, de mate van actief of ontspannen zijn verandert, of een stof die de manier van denken, waarnemen en beleven verandert, zoals alcohol, nicotine of andere drugs; ongelijk investeren: de gezondheidsverschillen in de stad worden groter en daarom moet meer geïnvesteerd worden in de inwoners die dit het hardst nodig hebben; positieve gezondheid: het vermogen van mensen zich aan te passen en een eigen regie te voeren, in het licht van fysieke, emotionele en sociale uitdagingen van het leven. Positieve gezondheid kent 6 dimensies: lichaamsfuncties, mentale functies en beleving, spirituele/existentiële dimensie, kwaliteit van leven, sociaal-maatschappelijke participatie en dagelijks functioneren; risicogroepen: jeugd en volwassenen die door een opeenstapeling van risicofactoren extra kwetsbaar zijn voor (problematisch) middelengebruik; selectieve preventie: preventie gericht op het voorkomen dat personen met één of meerdere risicofactoren (determinanten) voor een bepaalde aandoening daadwerkelijk ziek worden; setting: de fysieke en sociale omgeving waarin middelengebruik en/of gokken plaatsvindt; sleutelpersoon: iemand die door actieve betrokkenheid bij het aanpakken van problemen in wijk of stad, vertrouwen binnen een gemeenschap heeft verworven en daardoor op creatieve of sociaal vernieuwende manieren mensen samen weet te brengen. Dit kan ook een ervaringsdeskundige en/of iemand uit de doelgroep zelf zijn; universele preventie: preventie gericht op het bewaken, beschermen en bevorderen van een gezonde bevolking; vroegsignalering: het zo vroeg mogelijk opsporen van problemen met middelengebruik en/of gokken om daar zo tijdig mogelijk op in te grijpen;

Rechtspraak bij dit artikel