Het college neemt bij het uitzetten en het aantrekken van middelen de volgende kaders in acht:
voor het aantrekken van financieringen met een looptijd langer dan één jaar worden tenminste twee prijsopgaven bij verschillende financiële instellingen gevraagd; en
er wordt alleen gebruik gemaakt van financiële derivaten als voldaan is aan de voorwaarden zoals opgenomen in het treasurystatuut.
De raad stelt het treasurystatuut vast.
Bij het uitoefenen van de financieringsfunctie handelt het college conform het treasurystatuut.
De raad stelt de verordening garantstellingen vast.