De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode de volgende onderdelen vast:
De programma-indeling.
De taakvelden per programma.
De beleidsindicatoren per programma. Deze bevatten ten minste de verplichte beleidsindicatoren, bedoeld in artikel 25, tweede lid, onder a, van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten.
De onderwerpen waarover de raad in extra paragrafen kaders wil stellen en wil worden geïnformeerd, naast de verplichte paragrafen.
** 2. .** Per nieuwe investering wordt in de begroting het benodigde investeringskrediet weergegeven.
** 3. .** Bij de uiteenzetting van de financiële positie in begroting wordt in aanvulling op het bepaalde in artikel 20 en artikel 21 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie als gevolg van de begroting, de meerjarenraming, de investeringen en de grondexploitatie.
** 4. .** In de jaarrekening wordt van de investeringen de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten en de actuele raming van de totale uitgaven en inkomsten weergegeven.
** 5. .** In de begroting en in de jaarrekening worden incidentele baten en/of lasten groter dan € 50.000 nader toegelicht.
Hoofdstuk 2
Artikel 3.
Inrichting begroting en jaarstukken
Onderdeel van Financiële verordening 2023