**1..** Het voornemen tot uittreding wordt bij aangetekende kennisgeving aan het dagelijks bestuur meegedeeld.
**2..** Voor uittreding uit de regeling wordt een opzegtermijn van tenminste twee jaren in acht genomen vanaf het moment dat het besluit tot uittreden aan het dagelijks bestuur is meegedeeld.
**3..** Tenzij het algemeen bestuur anders besluit, kan uittreding slechts plaatsvinden per 1 januari van het aankomend jaar.
**4..** Het algemeen bestuur is bevoegd de financiële gevolgen van de uittreding vast te stellen. Het algemeen bestuur stelt op grond van deze bevoegdheid een uittreedsom vast.
**5..** Het algemeen bestuur kan in overleg met de uittredende deelnemer besluiten een onafhankelijke partij opdracht te geven tot het opstellen van een (procedure)plan.
**6..** De kosten voor het opstellen van het (procedure)plan komen voor rekening van de deelnemer die het voornemen heeft om uit te treden.
**7..** De door de uittredende deelnemer te betalen uittreedsom wordt berekend aan de hand van kosten, welke bestaan uit:
de directe kosten van uittreding en de schade die het rechtstreekse gevolg is van het uittreden uit de gemeenschappelijke regeling;
voor het bepalen van toekomstige schade bestaande uit langlopende verplichtingen en personele aanpassingen wordt een overbruggingsperiode van maximaal vijf jaar gehanteerd, gerekend vanaf de datum van uittreding.
Daarbij geldt als uitgangspunt dat de uittredende gemeente de kosten draagt die het rechtstreekse gevolg zijn van de uittreding en dat de overige gemeenten geen financieel nadeel van de uittreding ervaren.
**8..** Het aandeel van de uittredende deelnemer in het vermogen en de reserves per de datum van uittreden van het samenwerkingsverband wordt bepaald op basis van het inwonertal en wordt binnen een periode van vijf jaar uitgekeerd.
**9..** De financiële gevolgen van de uittreding en de uittreedsom, zoals bedoeld in het vierde lid, worden door het algemeen bestuur pas vastgesteld als blijkt dat de raden en colleges van burgemeester en wethouders van ten minste tweederde van de gemeenten hiermee instemmen.