Voordat de bestuurlijke boete wordt opgelegd, moet onderzoek plaatsvinden waarvan de resultaten in een boeterapport worden opgenomen. Het boeterapport vermeldt waarom opzet wordt gesteld, wat de zienswijze als bedoeld in lid 2 en 3 is en hoe deze is meegewogen in de boete-afweging en hoe het besluit is getoetst aan het evenredigheidsbeginsel.
Bij een bestuurlijke boete van € 340,- of hoger wordt belanghebbende door het college in de gelegenheid gesteld mondeling dan wel schriftelijk een zienswijze te geven op het voornemen een bestuurlijke boete op te leggen binnen een hiervoor door het college aan belanghebbende gestelde termijn.
Bij een bestuurlijke boete lager dan € 340,- kan belanghebbende ook een zienswijze geven op het voornemen een bestuurlijke boete op te leggen als belanghebbende dit wenst of de situatie daartoe aanleiding geeft.
Artikel 4
Onderzoek en zienswijze bij het opleggen van een bestuurlijke boete
Onderdeel van Beleidsregels bestuurlijke boete Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Woensdrecht 2024