Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.13.

Gesloten verharding

Onderdeel van Nadere regels ondergrondse infrastructuur Gemeente Zandvoort

1.. Werkzaamheden aan kabels en leidingen onder gesloten verharding worden uitgevoerd met behulp van een sleufloze techniek. 2.. Bij gebruik van een mantelbuis moet de mantelbuis minimaal 0,60 m buiten de fundering van de gesloten verharding uitsteken. De ruimten tussen de mantelbuis en kabel of leiding moeten aan de uiteinden volledig worden afgedicht volgens de daarvoor geldende normen. zoals bedoeld in artikel 3.8, lid 6. 3.. Wanneer een sleufloze techniek niet mogelijk is, kan het college besluiten dat de gesloten verharding gedeeltelijk verwijderd mag worden. 4.. Bij ingraving wordt, na verdichting van de sleuf en herstel van de funderingslaag de sleuf tijdelijk dicht geblokt met betonklinkers en wordt gehandeld overeenkomstig artikel 5 lid 2 sub 2.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel