Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaatsen te rijden met uitzondering van begrafenismotorrijtuigen, verzorgingsverkeer en motorrijtuigen ten behoeve van personen die beschikken over een invalidenparkeerkaart.
Het college kan nadere regels vaststellen omtrent de aard, de afmetingen en het gewicht van de motorvoertuigen genoemd in het eerste lid dan wel een ontheffing verlenen van dit verbod.
Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die werkzaamheden op de begraafplaatsen hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van de beheerder. Uit piëteitsoverwegingen is het bovendien niet toegestaan om tijdens de uit te voeren werkzaamheden:
te werken met ontbloot bovenlijf;
het ten gehore (laten) brengen van muziek door middel van geluidsdragers, dan wel op andere wijze geluiden te produceren die als hinderlijk wordt ervaren, dit ter beoordeling van de beheerder;
andere geluiden, die niet uit de te verrichten werkzaamheden ontstaan, naar voren te (laten) brengen;
Degene die zich niet aan de in het derde lid bedoelde aanwijzingen houden, moeten zich op eerste aanzegging van de beheerder van de begraafplaats verwijderen.
HOOFDSTUK 2
Artikel 4
Ordemaatregelen
Onderdeel van Beheerverordening begraafplaatsen gemeente Renkum 2024